Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Loofhout.

Loofhout

Loofhout betekenis

loofbomen | hout van loofbomen

Voorbeeldzinnen (20)

De Kale inktzwam is een paddestoel die meestal in groepjes op ondergronds loofhout (zelden naaldhout) of wortels van loofhout groeit.

Ik stook alleen loofhout, dat drie jaar heeft liggen drogen.

De naaldbomen van Hoge Ginkel maken steeds meer plaats voor loofhout.

De omgeving was toen anders, geen dennenaanplant zoals in het eerste decennium van de 21e eeuw het geval is maar een wilde omgeving die begroeid is met loofhout en varens die alles overwoekerden.

De paddenstoel groeit op houtresten, begraven loofhout en bosstrooisel en komt voor vanaf de zomer tot en met herfst.

De paters hebben de Aalterse heide intensief bebost: eerst met loofhout, daarna met naaldhout.

Gemengd inheems loofhout neemt 8,73 % van het grondvlak van het bosdomein in (situatie in 2007).

Het kent met veel standaard loofhout en nauwelijks naaldbomen verder ook erg weinig biodiversiteit.

In de oudere dennenbossen heeft zich een ondergroei van loofhout gevormd en er zijn veel zangvogels te vinden.

Voormalige wastines die niet in in landbouwgrond konden worden omgezet, werden aanvankelijk aangeplant met streekeigen loofhout en later ook met naaldhout.

Een oplettende getuige zag de mogelijke verdachte vervolgens op het Loofhout in Etten-Leur lopen en belde de politie.

Deze ziekenhuisboomzwam groeit vooral op loofhout en je ziet de zwam dan ook op eik, beuk en berk.

Op naaldhout is de rechte koraalzwam meer vertakt dan op loofhout.

Ruud Peters trof eind juni op een rottend en nat blok loofhout een soort klompjes.

De herten grazen de vegetatie in het Deelerwoud kort af, waardoor verjonging van het loofhout duidelijk afneemt.

Bomen van naaldhout zijn daardoor lastiger te beitsen dan bijvoorbeeld bomen van loofhout.

Deze zwam is saprotroof en groeit doorgaans op loofhout, zoals dit exemplaar dat Koert Scholten eind februari aantrof op een dode berkentak bij de Duurswouderheide.

Het excursiedeel over beschadigd loofhout voerde het gezelschap naar het Norgerholt.

Het vlees wordt gedurende minstens acht uur bij vaak wisselende temperaturen gerookt en 'gekookt' boven hete houtskool van note- of loofhout, zonder ooit direct bloot te staan aan vuur.

In bundels op dood (in grasland begraven) loofhout op klei of leem.