Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Loonstijging.

Loonstijging

Loonstijging | Loonstijgingen

Loonstijging betekenis

toename van het salaris dat een werknemer ontvangt

Voorbeeldzinnen (20)

Ik moet de eerste loonstijging binnen het bedrijf nog zien waar ik werk en we hebben al jaren geen loonstijging gehad.

Hierbij geeft de blauwe lijn aan wat de verandering is in de leencapaciteit zonder loonstijging, en de rode lijn de verandering in de leencapaciteit mét een loonstijging van 2,5 procent.

De gemiddelde loongroei is nauwelijks hoger dan de gemiddelde loonstijging in Nederland en sectoren als de bouw en het onderwijs lieten zelfs een grotere loonstijging zien dan de IT.

Aanvankelijk was Knot niet zo bang dat de sterkere loonstijging de inflatie verder zou opjagen.

Accountants- en adviesorganisatie KPMG berekende op basis van jaarrekeningen uit 2021 wat het voor ziekenhuizen betekent als zij inderdaad dit jaar een loonstijging van 10 procent toezeggen.

Bij de Schiphol-beveiligers kan de loonstijging oplopen tot wel 40%.

Bij het bepalen van de reële loonstijging kijkt het CBS naar de loonsverhogingen die voortkomen uit cao's en zet het die af tegen de inflatie.

Daarmee blijft de loonstijging historisch gezien erg hoog.

Dat betekent dat de Federal Reserve werk moet maken van minder vraag naar arbeid, om die loonstijging te matigen", aldus Marey.

De bonden noemen het bod van Nexperia vooral ondermaats omdat de loonstijging een stuk lager is dan bij vergelijkbare organisaties, zoals Ampleon en NXP.

De FNV eist een loonstijging van 14,3 procent aan de cao-tafels om werknemers te compenseren voor het koopkrachtverlies vanwege de torenhoge inflatie.

De gemiddelde loonstijging dit jaar is 7,4 procent, meldde werkgeversvereniging AWVN recent.

De gemiddelde loonstijging in 2023 was 7,1 procent, door personeelstekorten en hoge inflatie.

De gemiddelde loonstijging op jaarbasis komt nu uit op 6,1 procent en dat is historisch hoog.

De loonstijging in september is in historisch opzicht nog altijd groot, stipt de AWVN aan.

De loonstijging ligt daarmee boven de inflatie, die in april 5,2 procent bedroeg.

De vakbonden vinden met name de voorgestelde loonstijging te laag.

De werkgeversverenigingen noemen de loonstijging historisch en zeggen dat het nu tijd is voor matigere loongroei.

Die is immers fixed op moment van afsluiten, dus elke loonstijging daarna maakt effectief de hypotheek kleiner, terwijl inflatie het onderpand méér waard maakt.

Dit laatste cijfer geeft de feitelijke kostenstijging aan voor de hele bedrijfstak en resulteert in een loonstijging die recht doet aan het huidige prijsniveau in Nederland.