Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Manken.

Manken

Manken | Mank | Mankeren | Mankend | Mankheid | Manker

Manken betekenis

moeizaam lopen door een aandoening aan één been

Voorbeeldzinnen (8)

Op de beelden lijken sommige mannen gewond aan het gezicht of manken ze.

Als ik een agent vertel dat ik 'anders even op het bureau langskom om mijn punt duidelijke te manken' dan heb ik in no time na een gummilat in mijn nek ook het OM in mijn nek hijgen omdat ik agenten heb bedreigd met mijn opmerking.

Vroeger waren het nog goed getrainde mensen, nu doet iedereen ineens een marathon, van opa van 80 tot half manken.

Ook had hij een voetblessure, net toen getuigen van een overval een bendelid hadden zien manken.

Wie tijdens een zonnige vakantiedag wel eens op een terrasje zit, heeft het fenomeen beslist al een keer gezien: sommige stadsduiven manken.

Dat gewone rondje gaat goed, hoewel hij toch wel blijft manken.

Net als vorig jaar zie je hem in de loop van de dag wel wat meer gaan manken, maar over het algemeen is hij aardig vlot.

Een hond die getroffen is door deze ziekte vertoond een opvallende gevoeligheid aan de heup, kan soms moeilijk rechtstaan en kan ook manken wanneer deze zich verplaatst.