Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Merleau.

Merleau

Voorbeeldzinnen (20)

Merleau-Ponty, Maurice, Fenomenologie van de waarneming, Boom, Amsterdam, 2009, p. 174. Het lichaam is niet enkel een ding, een object voor Merleau-Ponty, maar eveneens een noodzakelijk voorwaarde voor de ervaring zelf.

Toen Merleau-Ponty echter het postume werk van Husserl bestudeerde (hij heeft een tijd aan het Husserlarchief in Leuven verbleven), merkte Merleau-Ponty echter op dat er bepaalde fenomenen niet in termen van deze correlatie kunnen beschreven worden.

Blok ziet zo inzichten terug uit het werk van fenomenologen als Edmund Husserl en Merleau-Ponty, die de ‘intentionele’ structuur van de menselijke ‘leefwereld’ in kaart brachten.

Hij vatte Merleau-Ponty's filosoferen blijkbaar op als een vorm van humanisme.

Merleau-Ponty's denken valt op te splitsen in twee perioden met respectievelijk Phénomenologie de la Perception (1945) en Le visible et l'invisible (postuum in 1964 gepubliceerd) als belangrijkste werken.

Merleau-Ponty spreekt ook wel van het doorleefde lichaam (le corps vécu) of 'lichaam-subject' (le corps-sujet).

Merleau-Ponty zal op zijn beurt wijzen op de nauwe band tussen de mens en zijn lichaam; ook deze kunnen niet zonder elkaar gedacht worden.

Naast Sartre geldt Maurice Merleau-Ponty als de tweede grote vertegenwoordiger van de existentiële fenomenologie, een stroming waarin de fenomenologie en het existentialisme samenkomen.

Volgens Merleau-Ponty zijn we wél verbonden met onze omgeving.

Merleau-Ponty was dan ook geen neuroticus, zoals Sartre.

Ik geloof graag dat Merleau-Ponty aan zijn fenomenologie van de waarneming een spannend hoofdstuk had kunnen toevoegen als hij zich had gebogen over wat ik toen zag.

Jean-Paul Sartre en Simone de Beauvoir, Maurice Merleau-Ponty, Jean Cocteau, Boris Vian en Albert Camus komen er samen om naar jazzmuziek te luisteren, te filosoferen en te dansen.

In november 1946 publiceerde Les Temps Modernes een artikel van Maurice Merleau-Ponty dat een jaar later als boek werd uitgegeven onder de titel Humanisme et terreur.

Merleau verdedigde zich, Sartre sprong hem bij.

Claude Lefort heeft de idee van de onbepaaldheid van de macht voor een deel te danken aan de esthetica van de Franse fenomenoloog Maurice Merleau-Ponty, zijn leermeester en grote voorbeeld.

In mijn proefschrift ‘Naar een pedagogiek van de tussenwereld’ (1998) ontwikkel ik een interculturele theorie die gebaseerd is op de wijsbegeerte van Merleau-Ponty omtrent de betrekkingen tussen mensen en dingen en mensen onderling.

Merleau-Ponty werkt dit gegeven verder uit en brengt het op het niveau van de tussenmenselijke ontmoeting.

Mijn filosofische fascinatie voor het lichamelijke, alsook de liefde voor het dansen deel ik met de Franse filosoof Maurice Merleau-Ponty.

Omdat er nauwelijks iets van Merleau-Ponty in het Nederlands vertaald was, moest ik mij zelf door zijn ingewikkelde Frans ploegen.

Cognitiewetenschappers als Oliver Sacks en Antonio Damasio tenderen naar een bewustzijns-denken zoals dat bij Merleau-Ponty terug te vinden is.