Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Mijmerend.
Mijmerend betekenis
weemoedig en slaperig nadenkend
Voorbeeldzinnen (20)
Dat van Torfs is een reeks soms wel interessante observaties over deze tijd, maar anekdotisch van inslag en mijmerend van toon.
Het klinkt intuïtief, speels en een beetje mijmerend.
Je ziet ze nog wel eens in theesalons en patisserieën in de grote steden, de vingers geel van het roken, nippend aan een glaasje port en mijmerend over het roemrijke verleden, toen de tantes nog op stand leefden.
Kort daarvoor had ik gezien, de klassieker van Ingmar Bergman uit 1957 waarin een oude man door Zweden reist, mijmerend over zijn jeugdliefde.
Al mijmerend tijdens de lockdown besluit G.H.B. dat hij schoon genoeg heeft van lui die voortdurend termen bezigen als witte onschuld, witte fragiliteit, white supremacy, mansplaining en manterrupting.
Een hoop ducktape… Zo mijmerend over de Smart (daar heb je tegenwoordig in het weekend tijd genoeg voor) is besloten afscheid te nemen.
Het is dat Pyongyang niet aan zee ligt anders had ie met Kim Jong-un (of zijn zus) in een kekke Noord-Koreaanse strandbar een paar cocktails weg kunnen tikken, te zamen mijmerend over de wereldvrede.
Legendarisch wordt het eerste campagnespotje, waarin de partijleider met nonchalant openhangende regenjas door de Amsterdamse binnenstad slentert, mijmerend over wat er allemaal mis is met de Nederlandse politiek.
Mijmerend over mogelijke oorzaken – storm, voedseltekort, dezelfde bacterie die eerder dit jaar ook bruinvissen parten speelde?
Het maakt Jodi Doering triest, want die patiënten “schreeuwen ook om een magisch geneesmiddel en dat Joe Biden de VS om zeep zal helpen”, zo schreef ze zaterdagavond, terwijl ze mijmerend op haar sofa lag met haar hondje Cliff en ijs met Oreo-smaak.
Met neergebogen hoofden staren ze mijmerend in de oneindige verte.
Zijn gelaatsuitdrukking contrasteert met zijn pretentieloos voorkomen, hij is mijmerend en in zichzelf gekeerd weergegeven.
Ach, de oprispingen van het stervende volk, ooit trots op zijn prachtige huizen voor de rijken, thans wonend in schamele vinexhutten, vastgeplakt aan het scherm van zijn eigen bubbel, mijmerend over vroeger, toen alles beter was.
Elk weekend dat hij naar huis kwam om zijn kinderen te zien, stond hij met tranen in zijn ogen, mijmerend de tuin in te kijken.
In Amsterdam is zo'n gast gemeenteraadslid, mijmerend over Lenin.
Mijmerend over de besmette ontstaansgeschiedenis van Sabaudia wandelen we op een lange brug richting twintig meter hoge duinen.
Wauw, van die vaste baan had ik nog helemáál niet gehoord, is dat via dezelfde vacaturebank als waar de functie 'kritisch trouwjurken passen' en 'mijmerend yogamatjes testen' onder de aandacht wordt gebracht?
Dat zei hij mijmerend over de mooie benen van Marlène Ditriech.
In 1950 kijkt hij mijmerend terug op het interbellum, op de hoogtijdagen van zijn hotel.
Genietend van het prachtige coulissenlandschap van Twente en mijmerend over voorbije tijden toen alles rustiger was.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl