Bekijk voorbeeldzinnen, synoniemen en woordvormen van Monteur.

Monteur

Monteur betekenis

deskundige die machines, apparaten, leidingen e.d. in elkaar zet of herstelt

Synoniemen van Monteur

Voorbeeldzinnen (20)

Als je echter een goede monteur bent, dan denk je als monteur, ook als je chef wordt denk je nog als een monteur.

Als de klant dan een monteur wil dan gaan ze dreigen met hoge kosten voor de klant als de monteur niets vind etc.

Er zijn vacatures voor medewerker backoffice, monteur, monteur buitendienst, engineer, accountmanager, operationeel manager en hoofd logistiek en magazijn.

Schade voorgevel bij slijterij in Schalkhaar na inbraakpogingControles in Deventer en Schalkhaar leveren weinig boetes opJeroen Put uit Schalkhaar niet de beste monteur van NederlandIs Jeroen Put uit Schalkhaar de beste monteur van Nederland?

Als leerling monteur elektrotechniek werk je onder begeleiding van een collega monteur mee aan verschillende projecten in de kassenbouw.

De seksuele activiteiten met de monteur eindigden toen Denver 19 was, maar er bleef een hechte relatie tot aan de dood van de monteur toe.

Het was gelijk de laatste keer dat we dit middel gebruikt hebben want de monteur waarschuwde ons dat je, afhankelijk van de maatschappij waar de telefoon toe behoort, soms wel 3 weken op een monteur moet wachten!

In de functie van Leerling Monteur ga jij samen met een ervaren monteur op pad bij verschillende locaties.

ISTP: de Monteur onder de MBTI-typesEen van de zestien MBTI-types is de ISTP, ook wel de Monteur of de Operator genoemd.

Vervolgens zijn we ingegaan op de mogelijkheden om als leerling-monteur of als monteur slimme meters aan de slag te gaan bij Stedin.

We vonden het huis van de monteur, maar de monteur zat in bad.

VEV eerste monteur, en/of VEV monteur beveiligings installaties of een gelijkwaardig opleidingsniveau.

Als je dat afzet in een schaal van omvang, dan kun je zeggen dat, naarmate een werkplaats in een autobedrijf groeit, er eerst sprake is van een voorman monteur en later een chef monteur.

Vroeger heeft de monteur veel meer genomen.

Haar ex was monteur.

Wie gaat de monteur betalen?

Ik denk dat Tom een monteur is.

Wat zei de monteur?

Zullen we die ene monteur vragen?

Een wagen met een monteur.