Bekijk voorbeeldzinnen, synoniemen en woordvormen van Muntstuk.

Muntstuk

Muntstuk betekenis

een geslagen stuk metaal, veelal rond van vorm, dat als betaalmiddel fungeert

Synoniemen van Muntstuk

Voorbeeldzinnen (20)

Je kent ze ongetwijfeld: je legt een muntstuk onder een flesje water en maakt je 'slachtoffer' wijs dat door een simpele handdoek en enkele magische woorden het muntstuk plots in het flesje zou zitten.

Hier is uw muntstuk.

Er viel een muntstuk uit zijn zak.

Ze tosten over hun lot met een muntstuk.

Een zijde van een muntstuk noemt men "kop", de andere "munt".

Heb je een muntstuk van vijf cent?

Ik heb een muntstuk op de stoep gevonden.

Het beroemdste zilveren muntstuk is een daalder met het portret van keizerin Maria Theresia van Oostenrijk.

Tom toste het muntstuk en zei: „Kop of munt?”

Dat is een fractie van het muntstuk waarop de munt lijkt.

De man met een muntstuk in zijn hand.

Een populaire kwajongensstreek was het leggen van een muntstuk, een spijker of een steentje op de tramsporen.

Muntstuk in de hand van een man met de Belgische vlag op de achtergrond.

Tien keer per minuut een muntstuk opgooien, en dat een half uur lang, geeft volgens de financiële theorie een verwachte som van 3,2 miljoen dollar (in het experiment was het maximumbedrag begrensd op 250 dollar).

De ‘Craugastor mexicanus’ - waartoe zes verschillende soorten kikkertjes behoren - zijn amper 15 millimeter lang of zo groot als een duimnagel en dus kleiner dan een muntstuk.

In twee driekoningentaarten zat een gouden muntstuk verstopt en dat lokte honderden mensen.

Na Colruyt eerder al, besluit nu ook de Nederlandse supermarktketen Albert Heijn winkelkarretjes te laten bollen zonder dat er een muntstuk in zit.

Alleen jammer dat het 5 euro muntstuk straks evenveel waard is als een rijksdaalder.

Het batterijcompartiment kun je openen met je nagel of met een muntstuk (in het laatste geval is er wel wat kans op schade).

Het is dan ook zonder gevaccineerd te zijn helemaal niet zo moeilijk om bijvoorbeeld een sleutel of muntstuk kort tegen je arm geplakt te krijgen.