Leer het woord Naamval beter kennen met 10+ echte voorbeeldzinnen, de betekenis.
Naamval in een zin
Gerelateerde woorden
Naamval betekenis
een buigingsvorm van een naamwoord, lidwoord of telwoord die de functie van dat woord in de zin aangeeft
Gebruik van Naamval
- De belangrijkste betekenis op deze pagina is: een buigingsvorm van een naamwoord, lidwoord of telwoord die de functie van dat woord in de zin aangeeft
- In het voorbeeldencorpus komt naamval vaak voor in combinaties zoals: een naamval, de naamval, naamval die.
Context rond Naamval
- Gemiddelde zinslengte in deze voorbeelden: 17.2 woorden
- Plaats in de zin: 1 begin, 8 midden, 11 einde
- Zinsoorten: 20 stellend, 0 vragen, 0 uitroepen
Corpusanalyse van Naamval
- In deze selectie staat "naamval" meestal aan het einde van de zin. De gemiddelde voorbeeldzin telt 17.2 woorden en het corpus bestaat hier vooral uit stellende zinnen.
- Direct rond het woord vallen vooral zesde, juiste, derde, gebruikt, kende en enkelvoud op; die woorden geven extra context aan het gebruik van "naamval".
- Herkenbare gebruikssignalen zijn aan de naamval van het en af welke naamval gebruikt wordt. Daardoor krijgt deze pagina eigen corpusinformatie en niet alleen losse voorbeeldzinnen.
- Qua corpusfrequentie ligt "naamval" dicht bij woorden als aangegroeid, aangiftebereidheid en aanmeldde, wat helpt om het woord binnen de bredere woordenindex te plaatsen.
Voorbeeldtypes met naamval
Dezelfde corpuszinnen zijn hieronder uitgesplitst naar lengte en zinsoort, zodat je sneller ziet in welke soort context het woord voorkomt:
Mit wordt altijd gevolgd door een derde naamval. (8 woorden)
Na von staat dan een andere naamval, de datief. (9 woorden)
Nee, in dit geval heeft het inderdaad met naamval te maken. (11 woorden)
In dat laatste voorbeeld is aan het woord 'hen' te zien dat het onderwerp van de bijzin in de vierde naamval staat (accusatief), net als het lijdend voorwerp van de bijzin, 'die som'. (33 woorden)
De grammaticale uitleg is dat het imaginaire “er” het voorlopig onderwerp in de zin is en “je” het meewerkend voorwerp (3e naamval). (22 woorden)
Bij de bepalingen hangt het in de eerste plaats van het voorzetsel af, welke naamval gebruikt wordt, zoals blijkt uit onderstaande tabel. (22 woorden)
Voorbeeldzinnen (20)
De grammaticale uitleg is dat het imaginaire “er” het voorlopig onderwerp in de zin is en “je” het meewerkend voorwerp (3e naamval).
Nee, in dit geval heeft het inderdaad met naamval te maken.
Alleen als naamval en geslacht door het lidwoord of het bezittelijk voornaamwoord zijn uitgedrukt volstaat de zwakke verbuiging.
Bij de bepalingen hangt het in de eerste plaats van het voorzetsel af, welke naamval gebruikt wordt, zoals blijkt uit onderstaande tabel.
Daarnaast is het opvallend dat het Myceens geen lidwoord ontwikkeld heeft en dat de taal nog een zesde naamval kende.
De infinitivus van het futurum past zich aan het geslacht en naamval van de subjectsaccusativus aan (-urus, ura, urum).
Deze titel in de eerste naamval enkelvoud is vrij vertaald Antibarbari.
In dat laatste voorbeeld is aan het woord 'hen' te zien dat het onderwerp van de bijzin in de vierde naamval staat (accusatief), net als het lijdend voorwerp van de bijzin, 'die som'.
In een aantal gevallen wordt het lijdend voorwerp met nog een andere naamval uitgedrukt (bijvoorbeeld in vaste combinatie met sommige werkwoorden).
In het Russisch worden de voorzetsels "v" en "na" (fonetisch geschreven) gecombineerd met de zesde naamval als ze een plaatsbepaling aangeven.
Na von staat dan een andere naamval, de datief.
Ook pasten zij zich aan de naamval van het zelfstandig naamwoord aan.
Zij corresponderen met het zelfstandig naamwoord voor wat betreft geslacht, naamval en getal.
Dit komt bijvoorbeeld doordat het na oneindige herhalingen nog steeds niet lukt om de juiste naamval te vinden.
Mit wordt altijd gevolgd door een derde naamval.
Ik denk dat hier die uitgestorven derde naamval bedoeld is, en officieel is het dus ook ‘hun’.
Foutenanalyses leren dat met name bij het kiezen van de juiste naamval veel fouten worden gemaakt.
In het Nederlands zeggen wij waar de Goten nog zeiden drukten respectievelijk meervoud en enkelvoud uit en gaven ook een naamval aan.
Is de functie : onderwerp, dan gebruikt het Latijn de eerste naamval, de nominativus.
Je begint bij een informele brief met het woord 'Beste', die zet je in de eerste naamval.
Veelvoorkomende combinaties met naamval
Deze woordparen komen het vaakst voor in Nederlandse teksten:
- een naamval 9×
- de naamval 8×
- naamval die 5×
- derde naamval 4×
- tweede naamval 4×
- naamval is 4×
- als naamval 3×
- en naamval 3×
- naamval van 3×
- eerste naamval 3×
Veelgestelde vragen
Hoe gebruik je "naamval" in een zin?
Wat betekent "naamval"?
Hoeveel voorbeeldzinnen met "naamval" zijn er?
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl