Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Nabootser.
Nabootser betekenis
iets (een apparaat) dat of iemand die nabootst
Voorbeeldzinnen (7)
De sofist is een soort 'tovenaar' en 'nabootser'.
De soort kreeg in 1984 zijn naam die zoiets als "harpij-nabootser" betekent.
Ga maar ergens anders over je toetsenbordje schuimbekken, sneue hysterische Baudet-nabootser.
De geslachtsnaam betekent: "nabootser van de Emoe", een verwijzing naar de uiterlijke gelijkenis tussen de Ornthomimidae en de loopvogels.
De geslachtsnaam is afgeleid van het Latijnse Sinae, "Chinezen" en mimus, "nabootser", met ertussen een Klassiek Grieks ὄρνις, "vogel", bij elkaar een verwijzing dat het een ornithomimide uit China betreft.
De geslachtsnaam is afgeleid van het Klassiek Griekse ὄρνις, ornis, "vogel", en μῖμος, mimos, "nabootser", een verwijzing naar de vogelachtige bouw.
Toch moeten wij Hamesse loven, want hij is openhartig, hij is geen nabootser en gebruikt weinig trucjes.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl