Nascholingscursus is een Nederlands woord beginnend met de letter N. Met 4 voorbeeldzinnen zie je meteen hoe het woord in zinnen werkt.
Nascholingscursus in een zin
Gerelateerde woorden
Gebruik van Nascholingscursus
- In het voorbeeldencorpus komt nascholingscursus vaak voor in combinaties zoals: tweedaagse nascholingscursus.
Context rond Nascholingscursus
- Gemiddelde zinslengte in deze voorbeelden: 19 woorden
- Plaats in de zin: 1 begin, 1 midden, 2 einde
- Zinsoorten: 4 stellend, 0 vragen, 0 uitroepen
Corpusanalyse van Nascholingscursus
- In deze selectie staat "nascholingscursus" meestal aan het einde van de zin. De gemiddelde voorbeeldzin telt 19 woorden en het corpus bestaat hier vooral uit stellende zinnen.
- Direct rond het woord vallen vooral tweedaagse en bekkenbodemdysfuncties op; die woorden geven extra context aan het gebruik van "nascholingscursus".
- Herkenbare gebruikssignalen zijn een tweedaagse nascholingscursus en een tweedaagse nascholingscursus voor oud. Daardoor krijgt deze pagina eigen corpusinformatie en niet alleen losse voorbeeldzinnen.
- Qua corpusfrequentie ligt "nascholingscursus" dicht bij woorden als aaaaah, aaiden en aaisikers, wat helpt om het woord binnen de bredere woordenindex te plaatsen.
Voorbeeldtypes met nascholingscursus
Dezelfde corpuszinnen zijn hieronder uitgesplitst naar lengte en zinsoort, zodat je sneller ziet in welke soort context het woord voorkomt:
Van der Linde volgde vorige week een tweedaagse nascholingscursus. (9 woorden)
Zij heeft de nascholingscursus “Bekkenbodemdysfuncties in een breed perspectief” gevolgd bij het Nederlands Paramedisch Instituut. (15 woorden)
In de herfst van 1990 kwam ik het pand - toen in gebruik bij de Hogeschool Rotterdam - weer binnen voor het volgen van een nascholingscursus. (24 woorden)
De opleiding ‘Inspelen op actuele ontwikkelingen in de bouw’, een tweedaagse nascholingscursus voor oud CTB-ers, is een van de opleidingsmodules die bedrijven kan helpen staande te blijven. (28 woorden)
In de herfst van 1990 kwam ik het pand - toen in gebruik bij de Hogeschool Rotterdam - weer binnen voor het volgen van een nascholingscursus. (24 woorden)
Zij heeft de nascholingscursus “Bekkenbodemdysfuncties in een breed perspectief” gevolgd bij het Nederlands Paramedisch Instituut. (15 woorden)
Voorbeeldzinnen (4)
In de herfst van 1990 kwam ik het pand - toen in gebruik bij de Hogeschool Rotterdam - weer binnen voor het volgen van een nascholingscursus.
Van der Linde volgde vorige week een tweedaagse nascholingscursus.
De opleiding ‘Inspelen op actuele ontwikkelingen in de bouw’, een tweedaagse nascholingscursus voor oud CTB-ers, is een van de opleidingsmodules die bedrijven kan helpen staande te blijven.
Zij heeft de nascholingscursus “Bekkenbodemdysfuncties in een breed perspectief” gevolgd bij het Nederlands Paramedisch Instituut.
Veelvoorkomende combinaties met nascholingscursus
Deze woordparen komen het vaakst voor in Nederlandse teksten:
Veelgestelde vragen
Hoe gebruik je "nascholingscursus" in een zin?
Hoeveel voorbeeldzinnen met "nascholingscursus" zijn er?
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl