Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Neusbeen.

Neusbeen

Neusbeen betekenis

een van de beenderen van de schedel, midden in het gelaat

Voorbeeldzinnen (20)

De opgaande tak heeft een gesplitst uiteinde waarvan de bovenste vork tussen het neusbeen en het traanbeen steekt, het neusbeen met een lang binnenste contactfacet rakend, en de onderste tak intern onder het traanbeen door gaat.

Op de achterkant van het neusbeen bevindt zich een opvallende dikke richel die de uitholling voor het neusgat van achteren omgrenst en doorloopt over het achterste hoofdlichaam van het neusbeen.

Wanneer het lichaam van Angela de Beer na haar dood wordt onderzocht, worden meerdere oude en recente botbreuken vastgesteld: in haar ribben, het neusbeen, de onderkaak, de ellepijp, het schouderblad en de lendenwervels.

Of met de muishand vol op het neusbeen waarbij het neusbotje dan tot achter in de hersens schiet.

Het gekraak van het neusbeen deed hem rillen.

Uiteindelijk ontdekte hij een schedel met een bolvormig neusbeen, die erg afweek van de andere soorten die juist een rechte neus hadden.

Aan de voorkant van het bovenkaaksbeen buigen het neusbeen en de praemaxilla bollend naar beneden toe zodat de snuitpunt extreem diep en schuin afhangt, bij sommige exemplaren wel een hoek van 60° met de tandrij makend.

Achteraan vormt het neusbeen een verheffing boven het dieper liggende voorhoofdsbeen en prefrontale.

Achter de tak naar het neusbeen ligt de kleine fenestra antorbitalis.

Al deze foramina duiden erop dat het element gepneumatiseerd is, uitgehold door een uitloper van de luchtkamer in het bot van het neusbeen.

Behalve de opening in de praemaxilla, bevinden zich ook vele foramina in het neusbeen.

Bij volwassen dieren is het neusbeen bovenop en aan de zijkanten extreem verdikt waardoor een "neusbult" ontstaat die wellicht de restanten van de oorspronkelijke neushoorn omvat.

Boven de fossa praemaxillaris is de praemaxilla nauw maar overdwars dik en vormt achter en boven de voorste beenstijl van het neusgat een driehoekige tak die in het neusbeen steekt en daardoor grotendeels omvat wordt.

De achterrand van het neusbeen heeft een U-vormige inkeping.

De achterrand van het neusgat wordt gevormd door het neusbeen.

De achterste punt van ieder neusbeen steekt russen het voorhoofdsbeen en het prefrontale.

De achterste tak van het neusbeen heeft een punt die dicht op de middenlijn van de schedel ligt.

De beschrijvers nemen aan dat dit door de praemaxillae gebeurde, hoewel het bij zo'n basale vorm onzeker is of deze de neusbeenderen al van de middenlijn gedrongen hadden en de hoge voorste tak van het neusbeen het tegendeel suggereert.

De bijdrage van het neusbeen aan de uitholling rond de fenestra antorbitalis is groot en wordt doorboord door verschillende pneumatische openingen, pneumatoporen.

De bovenrand van de snuit wordt gevormd door het neusbeen dat het neusgat overhangt.