Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Norbertijner.
Norbertijner betekenis
betrekking hebbend op de kloosterorde der norbertijnen of praemonstratenzers
Voorbeeldzinnen (6)
De laatste magister van Lieshout die norbertijner monnik was overleed in 1312.
Hoewel veel Norbertijner abdijen als dubbelklooster zijn gesticht in het begin van de 12e eeuw, besloten zij in de loop van de 12e eeuw te ontdubbelen, wat inhield dat de vrouwen hun eigen Norbertinessenabdijen gingen stichten.
Niet duidelijk is of de Norbertijner monniken betrokken zijn geweest bij het opwerpen van de vroegste werven, of dat men pas na hun vertrek hiertoe is overgegaan.
In 1134 schonk Fulco zijn bezittingen, waaronder Maarsbergen aan de Norbertijner monniken en werd door bisschop Andries van Utrecht de stichting van een abdij bevestigd.
Levensloop Van Straaten trad in 1934 in de Vlaamse norbertijner abdij van Tongerlo in en verkreeg daar zijn kloosternaam Werenfried.
Twee jaar later, in 1561, zou zijn collega de Norbertijner abt Petrus van Suyren van Mariƫnweerd eveneens een glas aan de Sint-Janskerk van Gouda schenken, waarvan het ontwerp ook gemaakt werd door Lambert van Noort en het glas door Digman Meynaert.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl