Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Omfietsen.

Omfietsen

Voorbeeldzinnen (15)

Als wij niet varen, dan moeten ze 16 tot 18 kilometer omfietsen.

Maar voor voetgangers en fietsers was omlopen of omfietsen via Vollenhove geen optie.

De schoolkinderen kunnen nu zo'n 500 meter lopen, straks kunnen ze kilometers omfietsen, met alle gevaren van dien.

Nu dit er niet is, moeten mensen ver omfietsen.

Ik moest via het Malieveld omfietsen.

Omfietsen om stoplichten te vermijden is niet meer nodig.

Nu de brug buiten gebruik is, moeten zij ver omfietsen.

Dus u kunt beter omfietsen.

Het zou een flink stuk omfietsen betekenen, op dijken die niet bovenaan staan in de lijstjes met veiligste wegen.

In de oude situatie zou het inderdaad omfietsen zijn, in de huidige situatie is het slechts een andere route.

Maar volgens omwonenden is dat helemaal niet nodig, want omfietsen duurt maar een paar minuten.

Hij is van nature erg mager en hoest al twee weken, dan wil je wel omfietsen om zo'n scharminkel iets voedzaams voor te zetten dat hij daadwerkelijk opeet in plaats van het met een vies gezicht over de aanwezige plantenbakken te verdelen.

Om te zeggen dat de weg naar Amstelveen is afgezet, dus dat het publiek moet omfietsen.

Je kunt je auto voor de deur parkeren (of aan de overkant aanleggen met je boot, maar dan moet je wel een eindje omfietsen).

Omfietsen naar het centrum valt ook wel mee, zolang je maar niet naar de AH of intratuin hoeft.