Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Onbehuisd.

Onbehuisd

Onbehuisd | Onbehuisde | Onbehuisden

Onbehuisd betekenis

geen woning hebbend | van een gebied dat er een woningen staan

Voorbeeldzinnen (2)

De wierde tussen beide boerderijen is nu onbehuisd.

Hoe vreselijk zou het zijn om te hebben geleefd ‘zonder ook maar te proberen zijn eigen stukje aarde voor zich op te eisen; geleefd te hebben en dan te sterven zoals hij was geboren, overbodig en onbehuisd’.