Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Ontkleding.
Ontkleding betekenis
het (zichzelf / een ander) ontdoen van kleding | het zonder kleren zijn
Voorbeeldzinnen (6)
Spontaniteit, acceptatie en uitbundige kleding (of ontkleding) zijn de norm op bijeenkomsten.
Nu valt het niet zo op, maar als het straks zomer is en men zich weer in diverse stadia van ontkleding in het openbaar begeeft, is het een en al plakplaatjes wat de klok slaat.
De foto’s tonen haar in een toenemende staat van ontkleding.
Ko de exhibitionist, vaste gast in café De Zon op de Amsterdamse Nieuwmarkt, poseerde veelvuldig, in uiteenlopende staat van ontkleding.
Ze zijn beschonken, in vergaande staat van ontkleding, en weten zich omringd door suggestief openbarstende granaatappels en zwellende courgettes.
Een nauwkeurige ontkleding van de mens.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl