Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Oorbaar.

Oorbaar

Oorbaar betekenis

toelaatbaar, gepast, betamelijk, fatsoenlijk, billijk

Voorbeeldzinnen (4)

Volgens het genootschap Onze Taal zijn zowel «de» als «het» oorbaar.

Dat is oorbaar mits met open vizier bedreven.

In Nederland is het woord «neger» niet meer oorbaar.

En toch is het instrument goed oorbaar.