Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Ootmoed.

Ootmoed

Ootmoed betekenis

(onderworpen) nederigheid

Voorbeeldzinnen (11)

Een ritueel van ootmoed, een gebaar van ons als soort aan de ijsbeer: een offer?

Beiden beschikten over die zeldzame mengeling van milde spotlust, zacht venijn en persoonlijke ootmoed.

De rest van het boek is een niet-aflatende ode aan de ootmoed en de nederigheid.

Ons past ootmoed voor ’s Heeren aangezicht.

De moraal van die verhalen vond begin jaren negentig blijkbaar vruchtbare bodem: de westerse mens zou wat meer ootmoed mogen betrachten in zijn verhouding tot zijn omgeving.

Ootmoet cijfert weg, ootmoed kan er tegen om in het ootje genomen te worden, om desnoods een nul te zijn.

Verzoening wordt bewerkstelligd door ootmoed, ook in de relatie tussen mens en medemens.

Vanwege taalbijdragen als ‘amice’, ‘ootmoed’ en ‘hoegrootheid’, dat trouwens hetzelfde betekent als ‘grootte’, kreeg hij het eerste exemplaar.

Ootmoed, liefde, geloof, heiliging, lijdzaamheid en rechtvaardiging zijn niet los verkrijgbaar.

De Dordtse kerkorde noemde als vereisten: godzaligheid, ootmoed, zedigheid, goed verstand, discretie en gaven van welsprekendheid.

De uitdrukking "ootmoed" komt slechts op vijf plaatsen voor.