Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Opblaasbootje.
Voorbeeldzinnen (10)
F. voer met zijn speedboot tegen een opblaasbootje op, waarin een 15-jarig meisje uit het Limburgse Neer samen met haar stiefbroer zat. De jongen zag de speedboot met hoge snelheid op hen afkomen en kon tijdig uit het rubberbootje springen.
Zoveel mogelijk bewoners verzamelden zich met een opblaasbootje.
Ik ga een opblaasbootje kopen.
Op het water dobberde mijn zevenjarige met haar vrienden in een opblaasbootje.
Dat deden de lieden met een opblaasbootje.
De één zit weliswaar comfortabel in een luxe cruise terwijl de andere uit alle macht roeit om zijn opblaasbootje niet ten onder te laten gaan.
Een opblaasbootje en een olietanker zijn op weg naar Het Nieuwe Vlaanderen.
Met een opblaasbootje dobberen door de singels van Breda, dat kan tijdens Breda Drijft.
Als we met ons minimonster aan wal komen moeten we vaak een hele steile ladder opklimmen en afhankelijk van hoog of laag water ons opblaasbootje op de juist plek vastmaken.
Ikzelf had een opblaasbootje meegenomen.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl