Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Opbouwers.
Voorbeeldzinnen (10)
Als je het grof beschouw heb je twee soorten mensen, opbouwers en afbrekers.
In de eerste helft bleek al snel dat het gevaar vooral van de opbouwers moest komen.
De strijd om het grootste paasvuur in de buurtschappen rondom het Sallandse dorp Holten is een traditie die nooit verloren mag gaan, benadrukken de fanatieke opbouwers.
Dit zijn niet het type opbouwers, dit zijn parasieten, en het erge is, ze hebben nog praatjes ook.
Suriname zal nooit goed komen de groepje vernietigers is groter dan de groep opbouwers.
En als ze terugkomen halen ze hun schouders op en presenteren zij zich als de Nieuwe Grote Opbouwers.
In de zaal stonden volgens de opbouwers 2800 stoelen opgesteld die tijdens de afsluitende eucharistieviering op een paar honderd na bezet waren.
Burgemeester Berends vergezeld door zijn echtgenote, de Wethouder van Sport en Recreatie Mevrouw Meulemans, afgevaardigden van Lisserbroek en natuurlijk de opbouwers van het clubgebouw.
De nieuwe dynamische aansturing van de assen is behalve lichter ook veel compacter in de bouw, wat een mooi vlak chassis oplevert en daar werden de opbouwers bij Bevako die het VDL haakarmsysteem leverde, weer blij van.
We zaten met wat opbouwers, waaronder Cor, Ciske, Hans, Wolfgang en Paul, uit te meten.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl