Bekijk voorbeeldzinnen, synoniemen en woordvormen van Opkoper.
Opkoper betekenis
inkoper die minder courante producten inkoopt waarvan de verkopende partij vaak niet weet wat ermee te doen. De opkoper kent de kanalen om de goederen weer snel door te verkopen | iemand die een hele voorraad opkoopt
Voorbeeldzinnen (20)
Officetopper kantoormeubelen Online verkoop van nieuwe en gebruikte kantoormeubelen Opkoper van Stocklot.nl Opkoper van partijgoederen, overproductie, faillissementen en restpartijen.
Als erkend opkoper van restpartijen wil Kooistra die ‘diamant’ graag oppoetsen.
Anders gaat het naar een opkoper of worden retouren vernietigd.
Daarna wordt het meubilair vervoerd naar de locatie van de opkoper.
Dat is het vermogen van prins Bernhard, die vooral bekendstaat als opkoper en verhuurder van panden, maar een groot deel van zijn vermogen te danken heeft aan zijn softwarebedrijf Levi9.
Dus zou je voor een sloopauto altijd minstens dat moeten krijgen, gek genoeg niet dus, want dat gaat van de winst van de opkoper af.
Emoties bij ‘oude’ eigenaren stonden vanaf het begin van zijn uiterst succesvolle carrière als opkoper en reorganiseerder in de weg.
Het was ingebracht door een opkoper van inboedels.
Met de tips van Jelle Oostvogels van juweliersfederatie Ars Nobilis en diamantair Rob van Beurden sta je steviger in je schoenen als je binnenstapt bij een opkoper.
De Europese opkoper van media en elektronica Momox genereerde in 2016 een omzet van 150 miljoen euro, een toename van ruim dertig procent ten opzichte van vorig jaar.
Selmon heeft bij de politie verklaard de sieraden aan een opkoper voor VCB aan de Waterkant voor een groot geldbedrag te hebben verkocht.
Ook ditmaal zal, net als bij de bankencrisis, China de grote opkoper zijn in Europa: zij hebben gereed geld en daar zullen onze bedrijven voor kiezen.
Via de website en app van Stop Heling kan iedereen ook vooraf controleren of een bijvoorbeeld via internet, social media of opkoper aangeboden tweedehands goed als gestolen geregistreerd staat.
Hij gaat de opkoper achterna en gijzelt hem.
Hij wil als eerste de opkoper bereiken.
Als alles heel is wordt het artikel opnieuw verkocht, anders gaat het naar de opkoper.
De Europeanen waren "slechts" de opkoper en vervoerder.
De volgende keer dat ik een auto kwijt wil en deze niet kan inruilen, verkoop ik hem wel aan een opkoper van die irritante tv-reclames.
Hebben wij het als Nederlanders een keer moeilijk komt de deurwaarder je gebruikte strijkijzer in beslag nemen en alles wat ze maar voor wat geld aan een opkoper kunnen verkopen.
Het zal niet de eerste keer zijn dat een zogezegde particuliere koper een vermomde opkoper blijkt te zijn, die samen met zijn ‘vriend’ een niet eerder gemerkt defect ‘ontdekt’ en daarmee de enorm hoge afgesproken prijs flink omlaag probeert te halen.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl