Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Oplazeren.

Oplazeren

Oplazeren | Oplazer

Oplazeren betekenis

weggaan

Voorbeeldzinnen (15)

Laten we oplazeren.

En oplazeren met dat stikstofgedoe, en huizen bouwen.

Meter voor meter komt iedereen aan de beurt, tot Zelensky en de zijnen oplazeren.

Oplazeren met dat gedoe dus, open die boel.

Als Partij voor de dieren, SP en SGP principieel blijven, kan Rutte oplazeren.

Binnen 1 minuut hebben ze al vastgezet en als je geen goed antwoord hebt, mag je je spullen pakken en oplazeren.

Geen gezeik en als je zat te kloten kon je oplazeren.

Van mij geen cent daarvoor, hooguit een tuinschaar door hun nederlandse paspoort en oplazeren naar hun andere nationaliteit.

Dus dan wordt het een belangenafweging: vind onze grondwet het belangrijk dat een of andere buitenlandse griezel zijn ex-pats hier even onder druk komt zetten of vinden we het prettiger dat ze oplazeren en de politie niet ingezet hoeft te worden.

Haar memoires over een kwarteeuw artistiek leiderschap van De Rotterdamse Dansgroep, Moed en Avontuur (1999), was een emotioneel en subjectief relaas, doorspekt met krachttermen als 'onzin', 'sukkel', 'zeuren', 'oplazeren' en 'walgelijk dure champagne'.

Ik ben al die klote lui flink zat, jank turken met zonnebril complex maar zonder jeugdhonk, stelende huil mocro's, oplazeren met dat volk.

Mensen die menen hun religie hier in dit land te moeten verspreiden, kunnen wat mij betreft permanent oplazeren!

Van Aartsen moet gewoon oplazeren, als burgemeester is hij totaal ongeschikt.

Naar aanleiding van de aanslag op de politieman in Sydney, zei de voorganger van de moskee van Parramatta, Neil al-Kadomi, dat moslims die Australische waarden afwijzen, moeten oplazeren.

En ik zou graag willen dat alle gelovigen oplazeren uit Nederland.