Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Opspeelden.

Opspeelden

Voorbeeldzinnen (7)

Mash schreef dat de gezondheidsproblemen van Gorbatsjov van tijd tot tijd opspeelden.

Hij reageerde daarmee op beschuldigingen die opspeelden tijdens de Winterspelen van 2018, over een affaire die vier jaar eerder bij Sotsji 2014 speelde.

Wijkagent Kees Koopmans meldt dat betrokkenen bij de vechtpartij „onder het bloed” zaten en er ter plaatse veel emoties opspeelden.

De schaatsster merkt dat haar enkelproblemen dit keer minder opspeelden dan vorige week in Nagano.

Toen had Anouk op het podium iets verkrampts, alsof de frustraties over het achterblijven van haar fel-begeerde internationale doorbraak ook daar opspeelden, alsof ze iets moest bewijzen.

De organisatorische problemen die eind vorig jaar opspeelden, zijn volgens Koops niet de aanleiding voor zijn vertrek.

Het besef van nationale verbondenheid was even snel vervaagd als de regionale, sociale, godsdienstige en politieke verschillen weer opspeelden.