Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Opviel.

Opviel

Opviel | Opvielen

Voorbeeldzinnen (20)

Wat mij nog opviel: hoe Ricciardo totaal niet opviel.

Ik kwam alleen zeggen dat me opviel dat de dwergen op niveau 4... en de elfen op niveau 6 van E.D.S. 3 te veel op elkaar lijken.

Ik kan het niet helpen dat het me opviel..

Al is het vooral de reactie van zijn vrouw die bij de behandeling van de zaak opviel.

Caroline van der Plas was het afgelopen jaar een persoon die opviel.

Dat is ook wat erenotaris Christof Gheeraert, voorzitter van de benoemingscommissie van het notariaat, opviel bij de correctie van het vergelijkend examen voor het notariaat.

Dat was het eerste dat me opviel; ik heb thuis al wat debatten meegekeken.

De inzending van Samson, die opviel om haar ‘waanzinnig rijke vocabulaire en zelfvertrouwen’, maakte dat Nicot het meisje wilde ontmoeten.

De Renault Espace is de multifunctionele gezinsauto die eind vorige eeuw door zijn originele design, ruimte en innovatieve interieur erg opviel.

Doordat hij positief opviel maakte hij een transfer naar PSV.

Eerste wat me opviel…heeft lynk & co wel een sportcoupé?

En wat mij vooral opviel is dat mensen om zoveel verschillende redenen op mij gestemd hebben.

En weet wat mij ooit opviel in een topic over Zuid-Afrika?

Gewoon zoveel dat het opviel.

Het eerste dat mij aan die vergadertafel opviel, was de vanzelfsprekendheid waarmee alles en iedereen werd opgenomen in de machtspolitiek van de jonge PvdA’ers.

Het idee voor de verkiezing ontstond vorig jaar spontaan in het radioprogramma Afslag Zuid, toen het presentator Ronny Balk opviel dat er wel heel veel bijzondere bedrijfsnamen in onze provincie zijn.

Hij werd ook erg gewaardeerd als zorgbegeleider waarbij hij opviel door zijn gevatte aanpak van kinderen met leermoeilijkheden en zijn kennis van de leerlingendossiers.

Hij zei dat het hem voortdurend opviel “hoe lineair en landgericht sommige waarnemers” van de oorlog blijven.

Hoe vaker ze Ahmed daarna zag staan, des te meer haar opviel hoe ingenieus hij zijn uitdossingen had samengesteld.

Kloosterboer: „Wat mij opviel is dat dit afwijkt van het heersende beeld van coronasceptici als mensen die zomaar wat zeggen, zonder zich ergens in te hebben verdiept.