Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Oudfriese.

Oudfriese

Voorbeeldzinnen (20)

Andere mogelijke herkomsten gaan terug op het Oudfriese side ("zede") of sîth ("metgezel").

De naam kan zijn afgeleid van de Oudfriese mansnaam Juurse of Juurd.

De plaatsnaam is een meervoud van het Oudfriese woord bêre, dat huis of schuur betekent.

De plaatsnaam zou de meervoudsvorm zijn van de Oudfriese woord bêre, wat huis of schuur duidt.

De sluis lag iets ten noorden van Aduard op een plaats die ‘Arbere’ werd genoemd (Arbere is het oudfriese woord voor graanschuur).

Er wordt ook gesteld dat het duidt op een hoogte waarop de kerk was gelegen, van het Oudfriese woord hag.

Het in Groningen gebruikte woord wierde staat dicht bij het originele Oudfriese woord wurth, waarvan de uitgang -werd of -ward is afgeleid.

Het wordt ook wel verklaard via het Oudfriese woord voor zuid, suth, daarmee duidend dat het ten zuiden van iets lag.

Maar omdat soms ook de eerste r mist, wordt ook wel gedacht aan het Oudfriese woord skade, dat schade betekent in het Nederlands.

Ook het Oudfriese wetma betekende bruidgave.

Volgens een andere verklaringsoptie moet gedacht worden aan de Oudfriese stam hōgsene ('hiel of kniepees').

Geschakelde 8-persoons hoekwoning in Oudfriese stijlPrachtig gelegen op een hoek, direct aan het waterTuin met terras op het zuiden, gelegen op eigen grondOp zoek naar een ruim vakantiehuis in een waterrijke omgeving?

Webstek van Bouwe Brouwer - Oudfries rechtIn deze sectie van de webstek van Bouwe Brouwer vindt u de mooiste Oudfriese rechtsteksten, meestal voorzien van een vertaling in het Nederlands.

De woningen zijn opgetrokken in Oudfriese stijl.

De naam is waarschijnlijk opgebouwd uit twee Oudfriese woorden:êtze (eik) en lâ (woud), oftewel eikenwoud.

Dit blijkt ook uit overgeleverde Oudfriese wetsteksten.

Er zijn verschillende verklaringen mogelijk voor de naam Schellinkhout maar een van de meest waarschijnlijke is die teruggaat op het Oudfriese woord skilenghe, wat 'scheiding' en 'hout bos' betekent.

Hoewel de naam Finsterwolde vaak wordt verklaard als 'duister, donker woud', dankzij het Hoogduitse woord finster ("duister", "somber"), wijzen historici op het Oudfriese wins(t)er, hetgeen zowel "links" als "noordelijk" kan betekenen.

Mogelijk is de naam echter ook afkomstig van het Oudfriese woord side ("zede") of sîth ("metgezel").

De meervoudsvorming verschilt per dialect, iets wat al in de Oudfriese periode zo was.