Willekeurig woord

Ontdek Plankie via 8 voorbeeldzinnen uit het Nederlands. Ideaal voor taalgebruikers, schrijvers en taalliefhebbers.

Zeldzaam woord

Plankie in een zin

Plankie | Plankier | Plankieren | Plankiers

Gebruik van Plankie

  • In het voorbeeldencorpus komt plankie vaak voor in combinaties zoals: een plankie.

Context rond Plankie

  • Gemiddelde zinslengte in deze voorbeelden: 11.5 woorden
  • Plaats in de zin: 0 begin, 4 midden, 4 einde
  • Zinsoorten: 8 stellend, 0 vragen, 0 uitroepen

Corpusanalyse van Plankie

  • In deze selectie staat "plankie" meestal in het midden van de zin. De gemiddelde voorbeeldzin telt 11.5 woorden en het corpus bestaat hier vooral uit stellende zinnen.
  • Direct rond het woord vallen vooral hout, vanwege en plankje op; die woorden geven extra context aan het gebruik van "plankie".
  • Herkenbare gebruikssignalen zijn op een plankie en op het plankie. Daardoor krijgt deze pagina eigen corpusinformatie en niet alleen losse voorbeeldzinnen.
  • Qua corpusfrequentie ligt "plankie" dicht bij woorden als aaisykjen, aalo en aalvlugge, wat helpt om het woord binnen de bredere woordenindex te plaatsen.

Voorbeeldtypes met plankie

Dezelfde corpuszinnen zijn hieronder uitgesplitst naar lengte en zinsoort, zodat je sneller ziet in welke soort context het woord voorkomt:

Kaas ligt op een plankie. (5 woorden)

Twee erwten op een plankie. (5 woorden)

Ankie is een drol op een plankie. (7 woorden)

Zowel het verkleinwoord als het persoonlijk voornaamwoord van de tweede persoon enkelvoud hebben [ie] in plaats van je: plankie (=plankje), hebbie (= heb je), loop ie (=loop je). (27 woorden)

Ik had geen flauw idee en surfte 2 jaar trots op mijn plankie, vanwege de coole shape en fantastische graphics. (20 woorden)

En dan niet op zomaar een plankie hout, nee op beukenhout. (11 woorden)

Voorbeeldzinnen (8)

Ankie Drol op 'n Plankie's gezichtsuitdrukking zegt genoeg.

Leg dat liedje maar terug op het plankie.

Ankie is een drol op een plankie.

Kaas ligt op een plankie.

Twee erwten op een plankie.

En dan niet op zomaar een plankie hout, nee op beukenhout.

Ik had geen flauw idee en surfte 2 jaar trots op mijn plankie, vanwege de coole shape en fantastische graphics.

Zowel het verkleinwoord als het persoonlijk voornaamwoord van de tweede persoon enkelvoud hebben [ie] in plaats van je: plankie (=plankje), hebbie (= heb je), loop ie (=loop je).

Veelvoorkomende combinaties met plankie

Deze woordparen komen het vaakst voor in Nederlandse teksten:

Veelgestelde vragen

Hoe gebruik je "plankie" in een zin?
Een voorbeeld: "Ankie Drol op 'n Plankie's gezichtsuitdrukking zegt genoeg." Op deze pagina vind je 8 voorbeeldzinnen met het woord "plankie" uit authentieke Nederlandse teksten.
Hoeveel voorbeeldzinnen met "plankie" zijn er?
Op Voorbeeldzinnen.info staan 8 voorbeeldzinnen met "plankie", uit een database van meer dan 16 miljoen Nederlandse zinnen.