Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Purperreiger.

Purperreiger

Purperreiger betekenis

een lid van de reigerfamilie (). De purperreiger is donkerder, kleiner en vooral slanker dan de blauwe reiger. In vlucht vallen vooral de ver uitstekende poten met lange tenen op

Voorbeeldzinnen (17)

Laat je verrassen tijdens de vaartocht: de ene keer zie je vogels als de lepelaar en de aalscholver en andere keer kom je een purperreiger tegen.

Bijna was de purperreiger verdwenen uit ons kikkerlandje, terwijl dat groene amfibietje toch één van zijn lievelingskostjes is.

Links zit een roerdomp, of is het toch een purperreiger?

Onder de visetende vogels bevinden zich allerlei soorten reigers, waaronder kleurrijke en bijzondere soorten als purperreiger, kwak en wouwaapje.

Ruben bleek een voortreffelijk fotograaf, de purperreiger stond er haarscherp op: het felle oog, de streep over de hals als een vraagteken.

De droogte bedreigt een gebied zo groot als België, met 1,4 miljoen mensen en miljoenen Europese watervogels, zoals de kemphaan en purperreiger.

Onderzoekers spreken van een kans op verstoring en verslechtering voor de purperreiger, als gekozen wordt voor een tunnel.

Ik heb in ieder geval de pagina voor de purperreiger aangepast.

In de nazomer/herfst kan je hier altijd wel een purperreiger treffen.

Lijkt op de zeldzame Purperreiger, maar die is kleiner en donkerder en kritischer voor wat betreft zijn biotoop en voedsel.

Indicator voor rietkragen met een rijke vogelstand. de Grote karekiet is nog kritischer dan de Purperreiger.

De purperreiger is een opvallende verschijning.

De purperreiger is een moerasbewoner en broedt koloniegewijs in drassig, overjarig rietland en in door oud riet omgeven struweel.

De purperreiger is verder een zeldzame dwaalgast ten noorden van het broedgebied.

Onder de soorten waarvoor het gebied aangewezen zijn reigerachtigen als de Roerdomp en de purperreiger broedvogels, terwijl de grote zilverreiger een geregelde gast is.

De koekoek, de houtduif, de groenling de houtsnip en de roodborsttapuit, de rietgors en de kleine karekiet worden regelmatig waargenomen evenals de blauwe reiger en de purperreiger.

De soorten die dat nodig hebben zijn onder meer grote karekiet, snor, roerdomp en purperreiger.