Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Rennende.

Rennende

Rennende | Rennen

Voorbeeldzinnen (20)

Kakkerlakken staan in de topdrie van snelst rennende insecten ter wereld: ze rennen tot wel vijf kilometer per uur – vier keer sneller dan een jachtluipaard, naar verhouding.

Moeders hoogzwanger achter de buggy geflankeerd door 2 of 3 rond rennende en gillende peuters en kleuters is geen uitzondering.

Een rennende target, weet je hoe lastig dat is om te raken?

Yoon en zijn regering zijn volgens haar een stel 'larven' en 'rennende, wilde honden' met een bot dat ze van de Verenigde Staten hebben gekregen.

Een hond die veel blaft, rennende of spelende kinderen in huis, deuren die dicht gesmeten worden, overhangend groen, parkeren of muziek die door de ramen schalt.

Voetbal is gewoon commercieel entertainment en de KNVB is een soort Endemol maar dan met rennende miljonairs in plaats van musicals.

Ze zou een mooie rennende maat van d’n Donald kunnen zijn.

Dat laatste is opmerkelijk want het betekent dat het dier meer gespecialiseerd raakte voor een rennende levenswijze terwijl het gewicht toenam.

Dat zijn, gecombineerd met het lange bekken, aanpassingen aan een rennende levenswijze.

De achterpoot lijkt aangepast aan een rennende levenswijze.

De achterste ledematen zijn gespecialiseerd in een rennende levenswijze.

De hand was verder te zwak om te graven of zonder de andere hand te gebruiken met alleen de tweede vinger een rennende prooi te vangen.

De knobbels zijn niet speciaal naar achteren verlengd om een gebogen knie in rennende beweging te ondersteunen.

De prooidieren zijn een stuk sneller dan de rennende of wandelende mens, maar wanneer ze gedurende lange tijd geen rust wordt gegund raken ze na verloop van tijd volledig uitgeput.

De verlenging van het scheenbeen weerspreekt een hypothese van Philip John Currie dat jonge ornithomimiden een meer rennende levenswijze hadden dan de volgroeide dieren.

Dinaelurus was een teenganger en vermoed wordt dat deze nimravide een rennende leefwijze had.

Dit zou duiden op een langzame, wellicht viervoetige, gang maar daartegenover staat dat het dijbeen sterk gekromd is en een hoge vierde trochanter bezit, beide kenmerken van een rennende vorm.

Er is een beter ontwikkeld gevoel voor groepscomposities dan in de Paleolithische kunst, en rennende dieren worden in de "vliegende galop"-conventie weergegeven, een conventie die zich in de kunst zelfs na de uitvinding van de fotografie handhaafde.

Gecombineerd met een krachtige musculatuur, zoals blijkt uit het lange darmbeen, en een hoog geplaatste niet-gereduceerde vierde trochanter op de achterrand van de dijbeenschacht lijkt dit een aanpassing aan een rennende levenswijze.

Het betreft een lichtgebouwde rennende vorm.