Vraag je je af hoe je Rozenlachje in een zin gebruikt? Hieronder staan 10+ voorbeeldzinnen uit authentieke Nederlandse teksten. .
Rozenlachje in een zin
Gebruik van Rozenlachje
- In het voorbeeldencorpus komt rozenlachje vaak voor in combinaties zoals: krijgt rozenlachje, rozenlachje dorst, rozenlachje en.
Context rond Rozenlachje
- Gemiddelde zinslengte in deze voorbeelden: 16.9 woorden
- Plaats in de zin: 8 begin, 1 midden, 1 einde
- Zinsoorten: 10 stellend, 0 vragen, 0 uitroepen
Corpusanalyse van Rozenlachje
- In deze selectie staat "rozenlachje" meestal aan het begin van de zin. De gemiddelde voorbeeldzin telt 16.9 woorden en het corpus bestaat hier vooral uit stellende zinnen.
- Direct rond het woord vallen vooral krijgt, vraagt, vindt, dorst, besluit en vraagt op; die woorden geven extra context aan het gebruik van "rozenlachje".
- Herkenbare gebruikssignalen zijn dag vraagt rozenlachje haar pleegvader en geur van rozenlachje. Daardoor krijgt deze pagina eigen corpusinformatie en niet alleen losse voorbeeldzinnen.
- Qua corpusfrequentie ligt "rozenlachje" dicht bij woorden als aagjes, aandachtsgroepen en aandachtstrekkerij, wat helpt om het woord binnen de bredere woordenindex te plaatsen.
Voorbeeldtypes met rozenlachje
Dezelfde corpuszinnen zijn hieronder uitgesplitst naar lengte en zinsoort, zodat je sneller ziet in welke soort context het woord voorkomt:
Rozenlachje kan weer zien. (4 woorden)
De heks vindt Rozenlachje en verwijdert het amulet, waarna het meisje neervalt. (12 woorden)
Rozenlachje wordt op het moment dat de padisjah aan de rozen ruikt, zwanger van hem. (15 woorden)
De zoon van de padisjah haalt Rozenlachje en het kind en ze vieren een bruiloft van veertig dagen en veertig nachten en leven nog lang en gelukkig. (27 woorden)
De tante van Rozenlachje besluit een heks te zoeken om het leren amulet van de arm van haar nicht te verwijderen. (21 woorden)
Opnieuw krijgt Rozenlachje dorst en moet haar andere oog ook ruilen voor water en wordt later uit de koets geschopt. (20 woorden)
Voorbeeldzinnen (10)
Op een dag vraagt Rozenlachje haar pleegvader om een gouden schaaltje met rozen mee te nemen naar het paleis.
Opnieuw krijgt Rozenlachje dorst en moet haar andere oog ook ruilen voor water en wordt later uit de koets geschopt.
Rozenlachje kan weer zien.
De heks vindt Rozenlachje en verwijdert het amulet, waarna het meisje neervalt.
De tante van Rozenlachje besluit een heks te zoeken om het leren amulet van de arm van haar nicht te verwijderen.
De zoon van de padisjah haalt Rozenlachje en het kind en ze vieren een bruiloft van veertig dagen en veertig nachten en leven nog lang en gelukkig.
Rozenlachje vraagt haar stiefvader een kast te maken waarvan de deur vanzelf steeds open en dicht gaat.
Rozenlachje wordt op het moment dat de padisjah aan de rozen ruikt, zwanger van hem.
Als hij de geur van de rozen ruikt, wordt hij erg benieuwd naar de geur van Rozenlachje.
Hierdoor krijgt Rozenlachje dorst en vraagt om water, maar haar tante vraagt in ruil om een oog.
Veelvoorkomende combinaties met rozenlachje
Deze woordparen komen het vaakst voor in Nederlandse teksten:
- krijgt rozenlachje 2×
- rozenlachje dorst 2×
- rozenlachje en 2×
- van rozenlachje 2×
Veelgestelde vragen
Hoe gebruik je "rozenlachje" in een zin?
Hoeveel voorbeeldzinnen met "rozenlachje" zijn er?
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl