Voorbeeldzinnen (5)
Je bent de grens nog niet over of daar liggen me toch twee allejezus grote bruinkoolgaten waar ooit de bossen ruisten.
Lederen zakken liepen wolgekruld op vier poten rond, houten bourdonpijpen en schalmei rijpten vruchtbaar aan bottende pere- en pruimelaar, rieten ruisten aan oevers van poelen.
De hoge eiken ruisten, de begraafplaats warmde zich aan de voorjaarszon.
De enige bomen die ruisten waren populieren, maar ik krijg steeds sterker het vermoeden dat die de wind máken.
De bladeren van de iepen die godzijdank voor de boerderij zijn blijven staan ruisten boven onze hoofden.
Rijmwoorden voor Ruisten
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl