Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Ruitjesjas.

Ruitjesjas

Voorbeeldzinnen (20)

De kasteelheer zit onderuit gezakt met open ruitjesjas, zijn buik wordt met elk verhaal dikker.

De stem in zijn ruitjesjas is wat er van hem over is.

Die zijn reeds verdwenen zodat er niets anders voor ze op zit dan de politie van de stad Rommeldam naam,nummerbord en ruitjesjas door te geven.

Er verschijnt nu een bekend figuur in de hut met een donkere ruitjesjas.

Heer Bommel is maar wat tevreden met de Oude Schicht en een ruitjesjas, maar zijn vriend vindt het maar niets dat iedereen daaraan moet geloven.

Heer Bommel maakt terstond ruzie met zijn spiegelbeeld in ruitjesjas.

Het figuur in de ruitjesjas neemt het doosje in ontvangst en wordt door de politie per motor naar slot Bommelstein gebracht.

Het wordt een heftig optreden van 'De Toren van Bommel' en de Gehoorzaal wordt alsnog door het enthousiaste publiek in ruitjesjas afgebroken.

Hij besluit eerst op het kasteel een nieuwe ruitjesjas en papieren te gaan halen.

Meester Woordkramer is juist de nieuwe aankopen buiten de stad aan het bespreken met directeur Joost in ruitjesjas, als Inspecteur Grip zich onaangekondigd in het gesprek mengt.

Ook bediende Joost wordt te verstaan gegeven dat een heer in ruitjesjas niet zoek kan raken, omdat alles verloopt volgens het Plan.

Tom Poes weet met de rest van de bankbiljetten uit de ruitjesjas prinses Kirha mee te nemen in de Oude Schicht.

De sleutel en de ruitjesjas verdwijnen terug in de kist.

In de andere ruitjesjas vindt hij het muntstuk.

Bediende Joost komt een gepaste ruitjesjas brengen en biedt tegelijkertijd zijn ontslag aan.

Bovendien is hij zijn ruitjesjas kwijtgespeeld.

De andere dag krijgt heer Bommel een wambuis uitgereikt in plaats van zijn ruitjesjas.

De commissaris legt uit dat hij de hoeder zoekt en een dikke ballonvader in ruitjesjas.

De robot draagt nu een ruitjesjas omdat die jas nu eenmaal bij de persoonlijkheid van de kasteelheer hoort en gaat zijn meester overdreven nadoen.

Destijds ging heer Bommel in zijn pyjama de koelkast in en kwam er in zijn ruitjesjas uit.