Vraag je je af hoe je Samenwoon in een zin gebruikt? Hieronder staan 7 voorbeeldzinnen uit authentieke Nederlandse teksten. .
Samenwoon in een zin
Gerelateerde woorden
Gebruik van Samenwoon
- In het voorbeeldencorpus komt samenwoon vaak voor in combinaties zoals: ik samenwoon, samenwoon met, samenwoon is.
Context rond Samenwoon
- Gemiddelde zinslengte in deze voorbeelden: 18.6 woorden
- Plaats in de zin: 2 begin, 4 midden, 1 einde
- Zinsoorten: 7 stellend, 0 vragen, 0 uitroepen
Corpusanalyse van Samenwoon
- In deze selectie staat "samenwoon" meestal in het midden van de zin. De gemiddelde voorbeeldzin telt 18.6 woorden en het corpus bestaat hier vooral uit stellende zinnen.
- Direct rond het woord vallen vooral gehuwd en jaar op; die woorden geven extra context aan het gebruik van "samenwoon".
- Herkenbare gebruikssignalen zijn 15 jaar samenwoon met wie en ik gehuwd samenwoon niet om. Daardoor krijgt deze pagina eigen corpusinformatie en niet alleen losse voorbeeldzinnen.
- Qua corpusfrequentie ligt "samenwoon" dicht bij woorden als aaaa, aalbeek en aaldrik, wat helpt om het woord binnen de bredere woordenindex te plaatsen.
Voorbeeldtypes met samenwoon
Dezelfde corpuszinnen zijn hieronder uitgesplitst naar lengte en zinsoort, zodat je sneller ziet in welke soort context het woord voorkomt:
Nu ik samenwoon met mijn ongelovige vriend zal dat voorlopig ook niet veranderen. (13 woorden)
De Sociale Verzekeringsbank heeft mij gekort op mijn AOW omdat ik nu 'samenwoon'. (13 woorden)
Sinds ik samenwoon is dat minder, want tegenover het vriendje ben ik altijd dezelfde. (14 woorden)
En als de Liefde Van Mijn Leven, met wie ik gehuwd samenwoon, niet om allerlei zeer geldige redenen zo afhankelijk was van de stad, was ik er al 15 jaar geleden teruggekeerd. (32 woorden)
Reispartner is tevens mijn levenspartner, Sander, de man met wie ik al 15 jaar samenwoon, met wie ik lief en leed deel. (22 woorden)
Mijn vriendin Joke, met wie ik samenwoon, is geen anarchiste, over het algemeen zit ze in de D66 hoek. (19 woorden)
Voorbeeldzinnen (7)
En als de Liefde Van Mijn Leven, met wie ik gehuwd samenwoon, niet om allerlei zeer geldige redenen zo afhankelijk was van de stad, was ik er al 15 jaar geleden teruggekeerd.
Nu ik samenwoon met mijn ongelovige vriend zal dat voorlopig ook niet veranderen.
De Sociale Verzekeringsbank heeft mij gekort op mijn AOW omdat ik nu 'samenwoon'.
Ik ben verhuisd naar Harderwijk, waar ik nu samenwoon met mijn vriend Jaap en ons zoontje Mex.
Sinds ik samenwoon is dat minder, want tegenover het vriendje ben ik altijd dezelfde.
Mijn vriendin Joke, met wie ik samenwoon, is geen anarchiste, over het algemeen zit ze in de D66 hoek.
Reispartner is tevens mijn levenspartner, Sander, de man met wie ik al 15 jaar samenwoon, met wie ik lief en leed deel.
Veelvoorkomende combinaties met samenwoon
Deze woordparen komen het vaakst voor in Nederlandse teksten:
- ik samenwoon 3×
- samenwoon met 3×
- samenwoon is 2×
Veelgestelde vragen
Hoe gebruik je "samenwoon" in een zin?
Hoeveel voorbeeldzinnen met "samenwoon" zijn er?
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl