Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Schaatsten.
Voorbeeldzinnen (20)
Wij schaatsten tegen de wind in.
Mijn Friese buren schaatsten graag.
We schaatsten omhoog alsof het niks was.
Vroeger schaatsten we gewoon naar Engeland.
Gisteren schaatsten Ireen Wüst en Thomas Krol naar het goud op de 1500 meter.
De winnaar en zijn medefinalist schaatsten een totaal van 8 mijl in op een dag.
Een koel applaus van het publiek viel hen ten deel toen zij over de finish schaatsten.
Ritsma benaderde zijn oude trainingsmaat Van Velde om bij zijn ploeg aan te sluiten en sinds november schaatsten ze beide voor deze schaatsploeg.
Smirnova en Oelanov schaatsten twee jaar met elkaar.
Achter het Nederlandse viertal schaatsten de Italianen Canada van het ijs en dat leverde ze een diskwalificatie op.
Eind jaren 70 schaatsten wij op straat.
Op de langebaan schaatsten amateurs hun rondjes, langs de shorttrackboarding verzamelden zich een paar honderd fans.
De twee Friezen schaatsten samen de openingsronde van de ‘Coolste Baan van Nederland’, de tijdelijke ijsbaan waarvan Ritsma een van de initiatiefnemers is.
Het is waar, het is heus, in 1950 schaatsten ze in amsterdam door de grachten.
Nederlanders zijn goed in schaatsten en lusten kaas ;-) Ook IQ is DNA bepaald, en ja er is een relatie tussen ras en IQ.
Het hoogheemraadschap en de gemeente willen niet dat de schaatsbaan waar de vorige periode 25.000 mensen schaatsten overmorgen opengaat.
Met ijsbanen in Haarlem, Hoorn en Utrecht is afgesproken dat abonnementhouders daar mogen schaatsten.
Er ontstond een meertje waar we ’s winters op schaatsten.
In de zomer is het een laaggelegen poel, in de winter zou je er kunnen schaatsten.
Natuurlijk zijn er mensen die niet van schaatsten houden.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl