Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Scheld.

Voorbeeldzinnen (20)

Scheld hem niet uit.

Waarom scheld je Tom uit?

Aan de Visserskaai gingen ze van start met Bar Aan ’t Scheld.

Bar Aan ’t Scheld zal eveneens inspelen op het nieuwe Zuidpark.

Ik scheld echter niet terug, blijf met argumenten komen en dan hebben ze het niet meer.

Als iemand mij schuimbekkend verrot scheld en eist dat ik op mijn knieën ga dan ros ik hem voor zijn bek.

Eis een verwarmt huis, gratis geld en als dank scheld ik iedereen de kk moeder.

In plaats van excuses maken scheld je hem verloren en noem je hem een vetklep.

Mooi, hoef je hun luidruchtige scheld- en vrijpartijen ook een tijdje niet aan te horen.

Voor wie, het ondankbare volk dat hem vanaf dag één verrot scheld.

Zo niet dan scheld hij hem verrot.

Deze schoft hooghart scheld steeds de witte-man uit, maar die fraude die hij via gezondheidszorg heeft gepleegd met andere om naar Columbia te gaan zal op zijn en fam hun geweten rusten.

En je scheld op alles maar je hebt geen alternatief genoemd.

Ik scheld ze even rustig uit als ik alleen zit.

Je kan tenslotte ook nog doden aan het werk zetten als je maar genoeg tegen ze scheld.

Op tv houd hij zich nog redelijk in, maar op de socials scheld hij gewoon iedereen verrot.

Scheld nog maar even door.

Ze voelen zich helemaal gedekt door de heersende opinie en in dat licht is de uitspraak van Huugje nóg veel kwalijker dan alleen maar het domme scheld aspect ervan.

Dat weet iedereen ook wel, want je scheld mensen niet zomaar uit om maar eens wat te noemen.

Die man scheld de president uit en wordt opgepakt.