Bekijk voorbeeldzinnen, synoniemen en woordvormen van Schimmen.

Schimmen

Synoniemen van Schimmen

Voorbeeldzinnen (20)

Schimmen in HemiksemSchimmen in Hemiksem Van de hand van Ann Hellemans verscheen zopas het boek Schimmen met een ster over de joodse onderduikkinderen.

Het Ruhrgebied is uitgeroepen tot culturele hoofdstad Dordrecht vol schimmen en marionetten Dordrecht vol schimmen en marionetten Tienduizenden mensen bezoeken al 25 jaar het Internationaal Poppenfestival in Dordrecht.

Het gebruik van de schimmen ter illustratie is uniek te noemen, maar ook de schimmen zelf zijn bijzonder te noemen.

Kortom, het is demonen, duistere entiteiten, schaduwen, schimmen.

Pas als je je smartphone uitzet, zijn de schimmen opeens verdwenen.

Ze zijn met velen vandaag, zovelen, alsof de dood de schimmen uit de onderwereld heeft vrijgelaten.

En hoewel dat de lichamen van de slachtoffers bleek te reduceren tot vage schimmen, waren ze wel degelijk te zien, op onmiskenbaar dezelfde plekken.

Als je dichterbij komt, word je op de warmtebeelden plots schimmen gewaar die ook door de ruimte dwalen.

Capacity 4 Persons, staat erop, maar dat is een puur theoretisch getal, in de praktijk kunnen er wel twaalf personen in en op, blijkt uit het schuitje dat nu komt aangeschommeld, volgepakt met schimmen.

De lucht is loodgrijs, schimmen achter de ruiten van bakstenen gebouwen.

Hoebeke: “Als kind al zag ik altijd vijf schimmen in de verte.

Vaak verontrustend, zoals in de schimmen die Goya te pas en te onpas in de marges schilderde.

Velen beschouwen vleermuizen als ongedierte en dat terwijl de meeste mensen ze nagenoeg niet kennen en ze alleen zien als schimmen in de schemer.

Ze zijn schimmen van zichzelf.

Een verzonken klooster, middernachtelijk klokgelui en schimmen van berouwvolle monniken: Het Solse Gat in het Speulderbos deugt niet.

En terwijl Esther carrière maakte, trouwde en drie kinderen kreeg, bleef ze toch altijd zoekende naar sporen van de schimmen uit haar verleden.

Als dank voor zijn gastvrijheid (beide kunstenaars bezaten geen rooie duit) schilderde Delvaux twee zeemeerminnen op de gevel van het vissershuisje van Grard, deze zijn er inmiddels door de zon verbleekt tot vage schimmen.

Al snel blijkt dat de scharlaken schimmen geen ontvoerders zijn, maar drie collega's van Sophies vader die hem een poets wilden bakken omdat hij steeds vergat naar hen te komen op kerstavond.

Dan ziet ze de scharlaken schimmen buiten die haar vader vastgebonden en gekneveld ontvoeren.

De beide zendelingen werden met wantrouwen tegemoet getreden, want de plaatselijke bevolking zag hen aan voor schimmen uit het dodenrijk.