Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Schorseneer.

Schorseneer

Schorseneer betekenis

een geslacht uit de composietenfamilie (Asteraceae of Compositae) waarvan de wortel als groente gegeten wordt

Voorbeeldzinnen (14)

Of een andere knol, zoals de schorseneer of aardpeer.

De wortel van de grote schorseneer wordt als groente gegeten.

P.A.F. van Veen & Nicoline van der Sijs, «Schorseneer», Etymologisch Woordenboek: de herkomst van onze woorden, Utrecht/Antwerpen, Van Dale Lexicografie, 1997, blz. 783, Een andere verklaring is dat het van scorzo nera ("zwarte schors") komt.

Geen idee wat een schorseneer is?

Dan heb ik het natuurlijk over de aardappeltjes en de bruine bonen, die op schandalige wijze de pastinaak en de schorseneer hebben verdrongen.

Voeg de stukjes schorseneer toe, samen met het bouquet garni.

Doe daar stukjes schorseneer bij.

Kook de geschilde en in schijfjes gesneden kliswortel zoals schorseneer met een scheutje wijnazijn, om verkleuring te voorkomen.

U kunt schorseneer ook in een soep verwerken.

De schorseneer wordt na het schillen in stukjes gesneden en gekookt, met een scheutje azijn om verkleuring tegen te gaan.

Bereiding De schorseneer wordt na het schillen in stukjes gesneden en gekookt, met een scheutje azijn om verkleuring tegen te gaan.

De naam is volgens sommigen afgeleid van het Italiaanse woord voor zwarte adder, "scorzone", maar veel waarschijnlijker is dat de Italianen de schorseneer "scorza nera" of "scorza negra" doopten, dat "zwarte schil" betekent.

Herkomst In de 16e eeuw is de schorseneer vanuit het Middellandse Zeegebied naar de Lage Landen geïmporteerd.

Veertien centen baar geld, drie stuivers schuld, een half pond juttenperen, een handvol ganzenveren, een handvol schorseneer is haar bruidsschat.