Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Schroeiden.

Schroeiden

Voorbeeldzinnen (5)

In het jaar 4 zien velen een vuurzuil en de bomen en struiken schroeiden in de wijde omtrek.

Hun kelen schroeiden; het duurde niet lang voordat de neutrale Vittel-motor zonder waterflesjes zat.

Die hadden zelfs kans gezien nog op de brandstapel, terwijl de vlammen reeds hun huid schroeiden, de omstanders te zegenen, psalmen te zingen en God te loven.

Frank, een nakomertje, lag op het vloerkleed, de voeten schroeiden bijna tegen de Bocal gaskachel.

Iedere keer als ze er een kop hadden afgeslagen, schroeiden ze met brandende boomstammen de wonden dicht.