Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Schrok.

Schrok

Schrok betekenis

schrokop, gulzigaard, brasser, schrokker, slokop, veelvraat, vreetzak, zwelger, holle bolle Gijs

Voorbeeldzinnen (20)

Ze schrok enorm dat ze gefilmd was zonder autogordel en dat waarschijnlijk mensen daar wat van zouden vinden en dat is waar ze van schrok.

Hij schrok zichtbaar en daar schrok ik weer van.

Tom zag iets in het bos waarvan hij schrok.

Pfoe, ik schrok me dood! Schreeuw toch niet zo plotseling.

Ik schrok me dood ervan.

Ik schrok toen ik het zag.

Tom opende de deur en schrok toen er twee politieagenten voor stonden.

De kat schrok van een onbekend geluid.

Ik schrok me rot.

Ik schrok ervan.

Ziri schrok even.

Ik schrok toen achter mij iemand met een vreemde stem een kreet slaakte.

Toen ik zag dat Tom een pistool had, schrok ik.

Zij schrok zich een hoedje.

Zij schrok zich een aap.

Zij schrok zich een bult.

Hij schrok toen hij hoorde dat zijn dochter iets in de winkel had gestolen.

Hij schrok toen de aap op hem sprong.

Ik schrok ontzettend.

Emmet schrok zo van de schoten dat hij achter 't stuur kroop en wegreed.