Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Scipionyx.
Scipionyx
Voorbeeldzinnen (20)
De bekendmaking van Scipionyx in de jaren negentig was uiterst opzienbarend: het ging om een zeer jong dier waarbij, uniek voor een dinosauriërfossiel, grote resten van de spieren en ingewanden bewaard waren gebleven.
De beschrijvers berekenden dat Scipionyx een basale coelurosauriër was.
De onderkant van de schedel van Scipionyx is redelijk bekend doordat de verschillende elementen grotendeels door de zijopeningen zichtbaar zijn.
Dit is bij Scipionyx een uitzonderlijk groot driehoekig element waarvan de voorste punt tussen het neusbeen en het traanbeen dringt en zo dit laatste van het voorhoofdsbeen scheidt.
Een eigenaardigheid van Scipionyx is dat de rij tanden in de onderkaak verder naar achteren reikt dan die in de bovenkaak.
Een langgerekte hand is typisch voor compsognathiden; onder zijn directe verwanten heeft Scipionyx net de kortste hand.
Het fossiel van Scipionyx, met zijn unieke preservering van de weke delen, stelt de wetenschap in staat de vroegere speculaties over de fysiologie van de Mesozoïsche dinosauriërs met harde feiten aan te vullen.
Het is waarschijnlijk dat Scipionyx een primitief verenkleed had, zowel tijdens zijn jeugd als gedurende zijn volwassenheid want zo'n lichaamsbedekking was vermoedelijk de normale toestand van de coelurosauriërs waartoe hij behoorde.
Scipionyx was vermoedelijk goed in staat zich ook op kleine eilanden te handhaven.
Ze sluiten meestal na hoogstens vijf weken en Dal Sasso & Maganuco concludeerden hieruit dat het holotype van Scipionyx niet ouder kan zijn geweest dan een paar weken.
Aan de voorkant reikte hij vermoedelijk tot de vierde trochanter aan de achterrand van de dijbeenschacht — zij het dan dat die bij Scipionyx niet als een verheffing aanwezig is.
Behalve op het vermeende middenrif wees Ruben ook op de lage positie van de luchtpijp bij Scipionyx.
Een element dat tijdens de groei in belang veranderde kan het prefrontale zijn, dat bij Scipionyx een opvallend groot deel van de oogkasrand uitmaakt maar bij andere Coelurosauria veel kleiner is of zelfs verdwenen.
Het fossiel van Scipionyx is in 1981 gevonden door een amateurpaleontoloog die de vondst pas in 1993 bij de autoriteiten inleverde.
Net als bij zijn verwanten Compsognathus en Juravenator wordt dus ook voor Scipionyx aangenomen dat hij op kleine eilandjes leefde.
Aan de hand van het spijsverteringskanaal van Scipionyx dat bij wijze van hoge uitzondering zelf gefossiliseerd is, heeft men getracht de positie van de verschillende voedselbrokken te bepalen.
Bij Scipionyx kan zich geen verwarring voordoen tussen het vorkbeen en de gastralia daar het eerste slechts licht verschoven van zijn natuurlijke positie, met de takken op de processus acromiaci, bewaard is gebleven en een heel andere bouw heeft.
Daarbij wezen ze erop dat Orkoraptor dermate slechts bekend is dat het hoogst onwaarschijnlijk moeten worden geacht dat hij echt de zustersoort van Scipionyx vormt.
Het fossiel van Scipionyx toont de organen wel, maar ze zijn lastig te interpreteren.
Het fossiel van Scipionyx toont geen restanten van schubben of veren.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl