Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Sikkelklauw.
Voorbeeldzinnen (20)
De eerste teen is kort, de tweede draagt een vrij lange sikkelklauw.
Deinonychus, de Terrible Claw, zou zijn prooi besprongen hebben om balancerend op één voet met de sikkelklauw van de andere poot de darmen uit de buikholte van zijn slachtoffer te rukken.
De sikkelklauw is nogal fors in vergelijking met de totale voetlengte en sterk gekromd, beide meer dromaeosauride eigenschappen.
De sikkelklauw is relatief een tiende groter dan bij Velociraptor.
De tweede teen draagt een kleine optrekbare sterk gekromde sikkelklauw.
De tweede teen draagt een sikkelklauw die langer is dan het eerste kootje van die teen, een afgeleid kenmerk.
Dit kootje draagt de sikkelklauw, zelf het derde kootje.
Het tweede middenvoetsbeen zou een teen met sikkelklauw kunnen dragen maar is dun en lichtgebouwd.
Hij was een vleeseter die zijn prooi kon aanvallen met een geheven sikkelklauw aan de tweede teen.
Misschien kon die als een sikkelklauw opgetrokken worden, net als de tweede teen.
Neuquenraptor is een kleine, ongeveer twee meter lange, vleeseter met een 6,5 centimeter lange sikkelklauw aan de tweede teen van de voet.
Normaliter heeft bij dromaeosauriden het eerste kootje 30% van de lengte van de langste kootjes en de eerste klauw 31% van de lengte van de sikkelklauw.
Ook zou in dat geval de grote sikkelklauw vreemd zijn; Archaeopteryx had maar een heel klein sikkelklauwtje.
Paul stelde dat Troodon dieren die ongeveer zijn eigen grootte hadden, met zijn sikkelklauw gedood zou kunnen hebben.
Therrien suggereerde dat Dromaeosaurus net als Adasaurus een vrij kleine sikkelklauw had en sterkere kaken ontwikkelde in een specialisatie om de prooi met de kop te doden.
Ze droegen een opgetrokken sikkelklauw aan de tweede teen, een kenmerk dat ze deelden met de dromaeosauriërs, hoewel hun klauwen kleiner waren.
Als de tand correct geïdentificeerd is, was Dromaeosauroides een bevederde warmbloedige roofsauriër met een sikkelklauw aan de voet.
De tweede teen draagt een kleine sikkelklauw.
Dat begon te veranderen toen John Ostrom in 1969 van de verwant Deinonychus aantoonde dat het een actieve warmbloedig vorm was die een vervaarlijke sikkelklauw aan de voet droeg.
De bijdrage van kaken, klauwen en snelheid aan het jachtgedrag De aandacht heeft zich in het recente onderzoek van de sikkelklauw naar de andere aanvalsmiddelen van Deinonychus verplaatst: zijn handklauwen en kaken.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl