Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Snuitpunt.
Voorbeeldzinnen (20)
In de nek en voor de snuitpunt zijn dunne banden aanwezig, de snuitpunt is altijd zwart.
Aan de voorkant van het bovenkaaksbeen buigen het neusbeen en de praemaxilla bollend naar beneden toe zodat de snuitpunt extreem diep en schuin afhangt, bij sommige exemplaren wel een hoek van 60° met de tandrij makend.
Alle soorten hebben een opvallend lange kop waarbij de snuitpunt soms wat omhoog is gekromd.
Andere eigenschappen zijn op zich niet uniek maar in combinatie wel: het voorste deel van de snuitpunt is afgerond; het voorste deel van de onderkaken is afgerond; uiteenstaande randen van de tandkassen van de voorste tanden; de snuit heeft een kam.
Daarmee bedoelt men dat in zijaanzicht het voorste gedeelte schuin naar de snuitpunt oploopt.
De bewaarde lengte van snuitpunt tot aan de twaalfde staartwervel bedraagt 435 centimeter.
De elkaar plots naderende krommen zorgen ervoor dat de snuitpunt, gevormd door de praemaxilla, niet erg spits is doch vrij hoog.
De hele snuitpunt ontbreekt bij het holotype, inclusief neusgaten en de volledige praemaxillae.
De kam heeft een bewaarde basislengte van 131 millimeter en bereikt een hoogte van 128 millimeter, boven het zevende tandenpaar, negenennegentig millimeter achter de snuitpunt.
De klieren kunnen aan de snuitpunt sterk vergroot zijn en een opvallend 'slurfje' vormen, dat onder de bek hangt.
De kop heeft geen uit-stekende snuitpunt zoals verwante soorten.
De kop heeft normale proporties, een uitstekende snuitpunt ontbreekt, de kleur is donkerbruin tot zwart met grote, gele vlekken aan de zijkant van de kop.
De kop is breed aan de achterzijde, de snuitpunt is afgeplat en schoffelachtig.
De ogen hebben een horizontale pupil en gele of witte iris, en onder ieder oog loopt een zwarte streep naar de snuitpunt.
De ogen worden hierbij niet gebruikt zoals bleek uit een proef waarbij een ei langs de snuitpunt van een dier werd gehouden en het vervolgens duidelijk zichtbaar een meter verder werd neergelegd.
De opgaande tak van de praemaxilla heeft een brede basis, zijdelings doorboord door een fenestra praemaxillaris en zet zonder knik het profiel van de snuitpunt voort, net als bij vogels.
De recht afgesneden snuitpunt heeft een U-vormige inkeping.
De schedel heeft, zonder schildhoorns, een geschatte totale lengte van een meter en is 62 centimeter lang van snuitpunt tot achterhoofd.
De schedel is ongeveer zesenveertig centimeter lang, gemeten van de snuitpunt tot het achterste schedeldak en veertig centimeter over de onderrand.
De schubben van de kop zijn gekield (1), de bovenzijde van de kop is lichtgeel van kleur, in het midden is een longitudinale bruine streep aanwezig (3) van de nek tot de snuitpunt.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl