Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Snurkte.

Snurkte

Voorbeeldzinnen (14)

Tijdens zijn slaap snurkte hij luid.

Tom was de enige die niet snurkte.

Ze snurkte hard.

Hij snurkte hard.

Tom was de enige die snurkte.

Tom snurkte op de bank.

Misschien snurkte ze te luid maar het geeft geen pas.

Daarna zei hij: „Woef woef”, ademde hij nog snel vier keer in en snurkte hij nog vier keer.

De 56-jarige Nederlander die zijn vrouw in Indonesië ombracht omdat ze ’snurkte’, wordt voorgeleid.

Omdat hij soms luid snurkte, dacht de robot dat er een vraag werd gesteld.

Haar mond stond open en ze snurkte zacht.

Het was het pre-incesttijdperk, onze slaapkamer was bekleed met Ivanhoe-gordijnen, mijn broer snurkte en liet scheten aan de lopende band, maar hij was ook ouder dan wij, sterk, en lekker warm.

Een van mijn engelse kamergenoten, die met een dreigende blik nog had gevraagd of ik niet snurkte, bleek erg goed te zijn in het produceren van deze nachtelijke geluiden.

Na deze malse boutjes ging de wolf een dutje doen, maar hij snurkte zo hard dat een jager, die buiten voorbijliep, het hoorde.