Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Spuugde.

Spuugde

Spuugde | Spuug | Spuugden | Spuugen | Spuugje

Voorbeeldzinnen (20)

Tom spuugde bijna zijn sinaasappelsap uit.

Hij spuugde zijn kauwgom uit.

Het was een enorme draak en hij spuugde vuur.

Ik bood jou vriendschap aan en jij spuugde in m'n gezicht.

De man, 31-jaar, verzette zich hevig en spuugde naar de agenten.

Één ervan kwam ooit bij ons thuis op visite en spuugde mij vol in mijn gezicht?

Eentje spuugde de wijn uit het karton zelfs uit.

Hij spuugde richting de toeschouwers.

Opvallend was dat Van der Poel in de slotronde een supporter in zijn gezicht spuugde.

Daar spuugde hij een agent in zijn gezicht, meldt een videocorrespondent.

De buschauffeur en de passagier kregen ruzie, waarbij de man haar in het gezicht spuugde.

In het begin was ze nieuwsgierig, maar al vrij snel spuugde ze het weer uit.

Volgens het meisje kwam de man tussenbeide en spuugde hij haar recht in haar mond.

Ze spuugde vaak zomaar op me.

Ben Saddik spuugde naar Verhoeven, die de Belg betichtte van leugens over de aanleiding daartoe.

Correctie, het was een vergissing, hij noemde de bezorgmaaltijd kankerhoer en spuugde de vrouw in haar gezicht, dat doet hij normaal andersom.

Net als de vrouwen in Makassar had zij een zilveren kwispedoor naast zich, waar ze af en toe het rode sap van de betelnoot in spuugde.

Daarbij spuugde meneer systematisch in het rond afgewisseld met een trek aan een peuk.

Daarop spuugde een van hen de 28-jarige medewerker in zijn gezicht.

De man bleef schreeuwen waarna hij een leidinggevende vol in het gezicht spuugde.