Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Strompelden.

Strompelden

Voorbeeldzinnen (16)

Snap wel dat Max baalt en het gaf weinig vertrouwen als je hem met brandende achterkant zag terug strompelden naar de pits, maar gelukkig had men Perez nog als reddende engel voor de nodige data te verzamelen zeiden Horner en Marko.

En zowel als Snapchat strompelden na de beursgang, hoewel ze zich beide later herstelden.

Gemartelde demonstranten die uit gevangenissen strompelden, zagen dat de strijd niet verloren is.

Na een paar dagen strompelden ze midden in de dag weer binnen en gingen slapen.

In de woestijnhitte en met een luchtvochtigheid van 75 procent strompelden de marathonloopsters uiteindelijk over de finish, badend in het zweet en snakkend naar water.

Zoals deze week toen hij mensen die misschien wel op het punt stonden hun kerstkalkoen te bestellen, confronteerde met beelden van kreupele kalkoenen die door hun eigen uitwerpselen strompelden.

Steeds meer onderzoeken suggereren weliswaar dat zij Afrika eerder verlieten dan gedacht, maar er is geen reden om aan te nemen dat ze 385.000 jaar geleden al door India strompelden.

Iedere Dinsdagmorgen hetzelfde schouwspel: rij na rij strompelden zij voort, gebogen en gekromd.

Ze strompelden naar buiten – verbijsterd, sprakeloos, vaak zichtbaar ondervoed.

Even verderop stond Annemarie Diederen, de moeder van Bas, met betraande ogen te kijken naar de vele triatleten die uitgeput over de finishlijn strompelden.

Op de meeste invallers na strompelden de spelers richting de verlenging.

Overlevenden strompelden rond, hysterisch lachend voordat ze ineenstortten.

Halve lijken strompelden over de eindmeet en de hulpdiensten raakten in nauwe schoentjes.

Wij strompelden er achteraan.

Anderen, hun laarzen kwijtgeraakt, Strompelden op bebloede voeten.

Zwartgeblakerde manschappen, verbrand, vuil van de olie en rook, strompelden aldaar binnen.