Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Structuralisme.

Structuralisme

Structuralisme betekenis

moderne opvatting in de wetenschap waarbij de verschijnselen gezien worden als voortkomend uit een fundamentele structuur | een theorie ontwikkeld door de Zwitserse taalkundige [https://nl.wikipedia.org/wiki/Ferdinand_de_Saussure Ferdinand de Saussure] (1857-1913), die taal opvat als een structuur waarin vormen op systematische wijze met elkaar verbonden zijn, en waarbij een ermee corresponderende betekenis bijgevolg - althans in principe -, voortvloeit uit de samenstelling van de talige structuur die wordt voortgebracht

Voorbeeldzinnen (20)

Dat het daarom goed is om Marx, Hegel, Jameson en natuurlijk alle denkers uit de verlichting er eens bijplakken om met behulp van historicisme en structuralisme deze context echte te begrijpen.

De aandacht voor brutalistische architectuur is groeiende maar, net als bij het Structuralisme, is en wordt er veel gesloopt.

De tentoonstelling toont de foto’s van Verwoerd - niet alleen vanaf ooghoogte gemaakt, maar ook vanuit de lucht met behulp van drone-fotografie - en illustreert het brede spectrum dat het structuralisme omvat.

Bij Piaget komt dit vooral terug in zijn werk Le Structuralisme (1968).

De controverse tussen Skinner en Chomsky kan ook gezien worden als een controverse tussen het functionalisme in de taalkunde en het structuralisme.

Deze filosofie incorporeerde wel bepaalde elementen van het structuralisme, zoals de sterke nadruk op de bepaaldheid van de mens door zijn sociale milieu.

Er is uit verscheidene hoeken kritiek geleverd op de stroming van het structuralisme.

Het is bij het structuralisme echter de vraag in hoeverre men hier iets als persoonsidentiteit als zodanig ontkent, of slechts bepaalde soorten opvattingen van persoonsidentiteit.

Het structuralisme zal even snel terug verdwijnen als het opkwam.

Het was al opgemerkt dat Lacan veel kenmerken van het structuralisme in zijn filosofie verwerkte.

Het zal Lucien Goldmann zijn, die poogt dit werk van Piaget verder uit te werken en dieper te plaatsen in een meer structuralistisch kader, onder de vorm van genetisch structuralisme.

Hij ziet het structuralisme dan ook als een historisch symptoom waarin de mens inziet dat hij niet het laatste woord heeft.

In zijn lessen en leerboeken pleitte hij voor wat hij noemde “structurele psychologie” of structuralisme.

Ook belangrijk is dat het structuralisme op deze wijze het blijvend idee heeft achter gelaten dat de mens waarschijnlijk niet vrij is in zijn doen en laten in de maatschappij.

Terwijl het structuralisme vertrok van de ambitie dat de menselijke cultuur te vatten valt via een reeks vaste (vaak binaire) kernstructuren, stelt het poststructuralisme dat er altijd zaken zijn die aan deze structuren ontsnappen.

In een kritiek zou ik dan wel willen lezen wat de lotgevallen van het boek in die zeventig jaar zijn geweest sinds het voor het eerst verscheen, en wat deze studie na het structuralisme en de semiotiek nu nog waard is.

Vogelaars ideeën sloten min of meer aan op het Franse structuralisme van Michel Foucault en Roland Barthes, en de Kritische Theorie van Theodore Adorno en Max Horkheimer.

Volgens het structuralisme werden mensen veel meer bepaald door grote ideologische en maatschappelijke structuren dan door hun eigen persoon en karakter.

Met Freud onder de ene arm en het structuralisme onder de andere onderwerpen Bennett en Woollacott, met de dodelijke ernst van een Le Chiffre, Bond aan de psychoanalyse.

Begin jaren tachtig van de vorige eeuw kwam er een einde aan de overheersing van een van de grote richtingen in de geesteswetenschappen, het structuralisme.