Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Subdiaken.

Subdiaken

Subdiaken betekenis

geestelijke die de laagste van de drie hogere wijdingen heeft ontvangen

Voorbeeldzinnen (14)

Bij het begin van de liturgie van Goede Vrijdag strekken priester, diaken en subdiaken zich uit op de grond voor het altaar, terwijl de andere dienaren diep gebogen neerknielen.

Nadat hij de tonsuur ontvangen had, schreef hij zijn moeder dat hij subdiaken wilde blijven of misschien diaken wilde worden, maar dat hij niet van plan was priester te worden.

In 1602 werd hij tot subdiaken gewijd, in 1607 tot priester.

De subdiaken klopte met de onderkant van de kruisstaf tegen de buitenzijde van de kerkdeur.

De dalmatiek is als kleding van de diaken, nauw verwant aan de tuniek die vanouds het kledingstuk van de subdiaken is en was.

De tunicella (subdiaken) wordt ook alleen in de buitengewone vorm van de Romeinse ritus gedragen.

Gehuwden mochten niet gewijd worden tot subdiaken en mochten ook niet toegelaten worden tot de hogere wijdingen.

Hij werd tot subdiaken gewijd.

In de liturgie treedt de subdiaken nooit zelfstandig op, maar enkel in het kader van een Pontificale of van een Plechtige Mis (Mis-met-drie-heren, Mis-met-assistentie).

Nadat hij de tonsuur ontvangen had schreef hij zijn moeder dat hij subdiaken wou blijven of misschien diaken wou worden, maar dat hij niet van plan was priester te worden.

Na de dood van zijn broer, Jean Grenon, kreeg hij in 1401 een betrekking als kanunnik en subdiaken bij de Heilig-Grafkerk.

Wanneer vroeger een "mis met drie heren" werd gelezen, waren de celebranten de priester, de diaken en de subdiaken, al werden al deze functies in de praktijk meestal waargenomen door priesters.

De tuniek werd voortaan door de subdiaken gedragen in de viering van de Mis en andere plechtigheden.

In de Anglicaanse Kerk draagt de acoliet die het kruis voortdraagt (Croceferarius) in processie een tuniek, het traditionele kleed van de subdiaken.