Willekeurig woord

Vraag je je af hoe je Thuisbrengen in een zin gebruikt? Hieronder staan 20 voorbeeldzinnen uit echte Nederlandse teksten. Inclusief de betekenis en synoniemen zoals herkennen of waarnemen.

Zeldzaam woord

Thuisbrengen in een zin

Thuisbrengen betekenis

  1. iets of iemand naar huis vervoeren
  2. iets zodanig herinneren dat men ook weet wat het precies was

Synoniemen van Thuisbrengen

Voorbeeldtypes met thuisbrengen

Hieronder zijn dezelfde voorbeeldzinnen gegroepeerd op lengte en zinsoort:

Kan ik je thuisbrengen? (4 woorden)

Wil je me thuisbrengen ? (4 woorden)

Ik kan het niet thuisbrengen. (5 woorden)

Een lichtpuntje voor dierentrimsalons in coronatijd: als dieren lijden door knopen en klitten in de vacht en ontstekingen aan de huid, dan mogen de trimmers de honden, katten en konijnen bij de eigenaren ophalen, behandelen en weer thuisbrengen. (38 woorden)

Een beloning van duizend euro hebben de eigenaren van een pup uit Koog aan de Zaan uitgeloofd voor de gouden tip of het levend thuisbrengen van de hond. (28 woorden)

Ik heb Franse collega’s benaderd, en die zeggen: ‘ces noms font diablement lorrains’, heel ‘Lotharings’ dus, en tóch kunnen we het niet thuisbrengen. (24 woorden)

Kan ik je thuisbrengen? (4 woorden)

Wil je me thuisbrengen ? (4 woorden)

Hoe kan niet eten en praten ons thuisbrengen ? (8 woorden)

Voorbeeldzinnen (20)

Kan ik je thuisbrengen?

Maar ik kan het niet thuisbrengen.

Eén ding kan ik niet thuisbrengen.

Wil je me thuisbrengen ?

Ik wel je wel bedanken voor het thuisbrengen gisteravond.

Ik kan het niet thuisbrengen.

De machine thuisbrengen of die gebruiken om hen te redden.

Agent, u mag haar thuisbrengen.

Advertentie

Hoe kan niet eten en praten ons thuisbrengen ?

De mannen spraken onderling een taal die het slachtoffer niet kon thuisbrengen.

Een dakloze thuisbrengen, ik geef het u te doen.

Ik heb Franse collega’s benaderd, en die zeggen: ‘ces noms font diablement lorrains’, heel ‘Lotharings’ dus, en tóch kunnen we het niet thuisbrengen.

Piet kon deze vogel op de camping niet thuisbrengen (foto: Piet Hoedemakers).

Sprekende koppen van figuren die je denkt te herkennen maar niet kunt thuisbrengen.

Ze krijgt klachten die ze niet kan thuisbrengen.

Heel soms kon Siri een stem helemaal niet thuisbrengen, maar dat kan ook aan je eigen intonatie liggen.

Ik had al iets in het bos horen roepen dat ik niet kon thuisbrengen.

Ik zou die mensen gewoon thuisbrengen.

Een beloning van duizend euro hebben de eigenaren van een pup uit Koog aan de Zaan uitgeloofd voor de gouden tip of het levend thuisbrengen van de hond.

Een lichtpuntje voor dierentrimsalons in coronatijd: als dieren lijden door knopen en klitten in de vacht en ontstekingen aan de huid, dan mogen de trimmers de honden, katten en konijnen bij de eigenaren ophalen, behandelen en weer thuisbrengen.

Advertentie

Veelvoorkomende combinaties met thuisbrengen

Deze woordparen komen het vaakst voor in Nederlandse teksten:

  • niet thuisbrengen 18×
  • kon thuisbrengen 10×
  • thuisbrengen van
  • kan thuisbrengen
  • het thuisbrengen
  • kunnen thuisbrengen
  • thuisbrengen of
  • haar thuisbrengen
  • ons thuisbrengen
  • kunt thuisbrengen

Veelgestelde vragen

Hoe gebruik je "thuisbrengen" in een zin?
Een voorbeeld: "Kan ik je thuisbrengen?" Op deze pagina vind je 20 voorbeeldzinnen met het woord "thuisbrengen" uit echte Nederlandse teksten.
Wat betekent "thuisbrengen"?
Thuisbrengen betekent: iets of iemand naar huis vervoeren
Wat zijn synoniemen van "thuisbrengen"?
Bekende synoniemen van "thuisbrengen" zijn: herkennen, waarnemen.
Hoeveel voorbeeldzinnen met "thuisbrengen" zijn er?
Op Voorbeeldzinnen.info staan 20 voorbeeldzinnen met "thuisbrengen", uit een database van meer dan 16 miljoen Nederlandse zinnen.