Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Thuishoor.

Thuishoor

Voorbeeldzinnen (8)

Ik denk dat ik niet thuishoor in Melrose Place.

Ik geloof dat ik hier niet thuishoor, meiden.

Ik wil graag laten zien dat ik thuishoor in de wereldtop.

Dit is waar ik thuishoor, dit is mijn familie.

Die van mij in het bijzonder is gemengd, door alle verschillende invloeden, talen en plaatsen waar ik thuishoor.

Bij de gebrekkige keuzemogelijkheid die je hebt, denk ik wel eens dat ik nu meer thuishoor bij GroenLinks dan bij de PvdA.

Tjalaat ze maar doen die helft van de Belgen (waar ik zeker onder thuishoor ik rij zowieso al maar max 90 op autostrades).

Tirotet, now seriusu nanga a sonde-mamanten-tori disi, dit omdat ik, ongewild, gestopt ben in de container der allochtonen en ik thuishoor, als geboren Nederlander, in de container autochtoon.