Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Tijgen.

Tijgen

Tijgen | Tijger | Tijgers | Tijgeren

Tijgen betekenis

beschuldigen | tijgen: aantijgen, aantijging, beticht worden | tijgen (tiegen): tocht, teugel

Voorbeeldzinnen (2)

Maar als het kon wou 'k door woestijn en water Wel eeuwig naar oase' en haven tijgen, er was in elk een brief te krijgen.

Dat z' aan den arbeid tijgen!