Timmerden is een Nederlands woord beginnend met de letter T. Met 10+ voorbeeldzinnen zie je meteen hoe het woord in zinnen werkt.
Timmerden in een zin
Gebruik van Timmerden
- In het voorbeeldencorpus komt timmerden vaak voor in combinaties zoals: timmerden ze, timmerden de, weg timmerden.
Context rond Timmerden
- Gemiddelde zinslengte in deze voorbeelden: 20.3 woorden
- Plaats in de zin: 4 begin, 12 midden, 4 einde
- Zinsoorten: 19 stellend, 0 vragen, 1 uitroepen
Corpusanalyse van Timmerden
- In deze selectie staat "timmerden" meestal in het midden van de zin. De gemiddelde voorbeeldzin telt 20.3 woorden en het corpus bestaat hier vooral uit stellende zinnen.
- Direct rond het woord vallen vooral weg, bek, kinderen, knutselden, ondernemers en flink op; die woorden geven extra context aan het gebruik van "timmerden".
- Herkenbare gebruikssignalen zijn de bek timmerden en de prinsen timmerden hekken en. Daardoor krijgt deze pagina eigen corpusinformatie en niet alleen losse voorbeeldzinnen.
- Qua corpusfrequentie ligt "timmerden" dicht bij woorden als aag, aalderink en aandenkens, wat helpt om het woord binnen de bredere woordenindex te plaatsen.
Voorbeeldtypes met timmerden
Dezelfde corpuszinnen zijn hieronder uitgesplitst naar lengte en zinsoort, zodat je sneller ziet in welke soort context het woord voorkomt:
Ook internationaal timmerden ze aan de weg. (7 woorden)
Met wind op kop maar vol overtuiging timmerden ze aan de weg. (12 woorden)
Hier in het durp timmerden ze na iedere dood een raam dicht. (12 woorden)
De een was de fijnzinnige cabaretier met goed verzorgde theatershows, terwijl de ander uitblonk in een soort van losgeslagen tokkietv, waarin allerhande ongeletterde aso’s en doorgesnoven hooligans elkaar jarenlang enthousiast op de bek timmerden. (35 woorden)
De decorbouwers van toen, in de loop der jaren aangevuld met enkele jonge krachten, timmerden op 8 december jongstleden de kerststal reeds voor de 25ste maal recht op het plein aan de Gildezaal. (33 woorden)
Van Agt (CDA) en Wiegel (VVD) timmerden in no time een kabinet in elkaar en de PvdA moest –afgezien van een korte en mislukte kabinetsdeelname in 1981– twaalf jaar in de oppositiebankjes. (32 woorden)
Het was een echte familieactiviteit: (groot)ouders en kinderen gingen samen aan de slag en timmerden 25 nestkastjes in elkaar! (20 woorden)
Voorbeeldzinnen (20)
De een was de fijnzinnige cabaretier met goed verzorgde theatershows, terwijl de ander uitblonk in een soort van losgeslagen tokkietv, waarin allerhande ongeletterde aso’s en doorgesnoven hooligans elkaar jarenlang enthousiast op de bek timmerden.
Zo had je vóór de coronacrisis aan het Haagse Spui De Kinderwerkplaats, waar kinderen timmerden, knutselden en proefjes deden.
Met wind op kop maar vol overtuiging timmerden ze aan de weg.
Uit angst voor de rellen timmerden ondernemers in het centrum van Breda overdag al winkelpanden dicht.
Meerdere staten hadden troepen van de National Guard paraat staan en ondernemers timmerden de ruiten van hun winkels dicht uit vrees voor geweld.
In plaats van de ingegooide ramen te vervangen, timmerden ze planken voor de ramen en Langley gebruikte zijn technische vaardigheden om in de woning boobytraps te plaatsen.
Hier in het durp timmerden ze na iedere dood een raam dicht.
En het bracht hem in contact met Joram van Klaveren en Louis Bontes, de ex-PVV'ers die vanuit hun Kamerzetels aan de weg timmerden met VNL.
Ook zij timmerden flink aan de weg en genoten grote bekendheid met hun bedrijf in Vlissingen, Zeeland en daarbuiten.
Leden van Raak timmerden op het dorpsplein een mooie kerststal in elkaar.
Van Agt (CDA) en Wiegel (VVD) timmerden in no time een kabinet in elkaar en de PvdA moest –afgezien van een korte en mislukte kabinetsdeelname in 1981– twaalf jaar in de oppositiebankjes.
We bouwden, timmerden, legden parkings aan, verhuisden, maakten meubelen voor de leerlingen.
Ook internationaal timmerden ze aan de weg.
De decorbouwers van toen, in de loop der jaren aangevuld met enkele jonge krachten, timmerden op 8 december jongstleden de kerststal reeds voor de 25ste maal recht op het plein aan de Gildezaal.
De kluspieten die een levensgrote schilderijlijst in elkaar timmerden hadden het bij het niet bij het rechte eind.
De koningin waste en borstelde de honden, de prinsen timmerden hekken en hokken en de prinsessen hielpen met het trainen van de honden.
Het was een echte familieactiviteit: (groot)ouders en kinderen gingen samen aan de slag en timmerden 25 nestkastjes in elkaar!
Zij timmerden dus ter plekke dat drumstel en die versterkers in elkaar.
De 21 leerlingen van groep acht van CBS De Slotschool in Sint Annaparochie timmerden er gisterochtend in ieder geval lustig op los bij Bouwbedrijf Lont.
Steeds weer kwamen er nieuwe ambitieuze jonge artiesten die hard aan de weg timmerden en onze plek aan het overnemen waren.
Veelvoorkomende combinaties met timmerden
Deze woordparen komen het vaakst voor in Nederlandse teksten:
- timmerden ze 4×
- timmerden de 4×
- weg timmerden 2×
- timmerden met 2×
- zij timmerden 2×
- timmerden op 2×
Veelgestelde vragen
Hoe gebruik je "timmerden" in een zin?
Hoeveel voorbeeldzinnen met "timmerden" zijn er?
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl