Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Tutoyeren.

Tutoyeren

Tutoyeren | Tutoyerend | Tutoyerende

Tutoyeren betekenis

elkaar met jij en jou aanspreken

Voorbeeldzinnen (20)

Laat ons elkaar tutoyeren.

Je mag me gerust tutoyeren.

Je mag me tutoyeren.

Laten we elkaar tutoyeren.

Kunnen we tutoyeren?

Je kunt me gerust tutoyeren.

Sinds wanneer tutoyeren wij elkaar?

We zijn oud-collega's, we tutoyeren.

Zijn harde ‘g’ heeft hij na tien jaar wonen in Antwerpen behouden, maar tutoyeren doet hij intussen met ‘ge’ in plaats van ‘je’.

Die mocht je niet tutoyeren.

Volgens ingewijden tutoyeren Poetin en Kovaltsjoek elkaar.

Ze wilde 'op voet van gelijkheid' verkeren met andere studenten en liet zich tutoyeren en aanspreken als Jula.

Op Intermediair vertelt hij waarom je best mag tutoyeren als je solliciteert.

En ik geloof niet da tik tostemming heb gegeven mij te tutoyeren.

Of mag ik ondertussen tutoyeren sinds we elkaar nu al zolang minachten?

Tokkies tutoyeren ongevraagd, zoveel is duidelijk.

Deze mengvorm kan voor ergernis zorgen bij een ontvanger die zich normaal gezien niet zou laten tutoyeren door de schrijver.

Hij had als jongere van de twee nooit gewaagd om haar voor te stellen om elkaar te gaan tutoyeren, en hij kan er nu maar langzaam aan wennen.

In het Frans is tutoyeren altijd vanzelfsprekend geweest tussen familieleden.

Men kan er tutoyeren en vousvoyeren.